Fleurs column: Tandsmart (slot)

Fleurs column

Wat voorafging: u kunt alweer voor de derde week op rij lezen hoe het Fleur vergaat in haar knotsgekke tandsmartsaga. Gelukkig voor u presenteert zij deze keer de apotheose. Want laten we eerlijk zijn, we weten het nu wel: Fleur had haar twee motti (motto’s) hoog te houden – ‘There’s a crack in everything, that’s how the light gets in’ en ‘later lach je erom’ – zelfs toen ze een ‘cracked tooth’ bleek te hebben. Edoch, zoals dat gaat in een saga, werd zij danig 
op de proef gesteld toen ze een paar dagen later ontwaakte met een kop als Erica Terpstra, al vond de Kameel de gelijkenis met Jabba the Hutt treffender. Ook leed zij aan pijnen die zij in verband bracht met het lijden van Christus. Vooral daar dit alles zich afspeelde tijdens Pasen, en ook omdat Fleur het theatrale van nature niet schuwt. Na een bezoek aan een noodtandarts en een noodapotheek in een onherbergzaam oord, alwaar zij meer dan een uur in de rij stond, had zij eindelijk de pijnstilling en antibiotica waar zij zo naar verlangde. Ze keerde terug naar de auto, waarin de Kameel al die tijd had gewacht met de radio aan. Die radio deed het gek genoeg niet meer. En de auto ook niet. Nou, we 
zijn reuzebenieuwd naar het zinderende slot van je lijdensweg, dus Fleur/Jabba/Erica: leid ons niet in bekoring en hou het een beetje kort. Dat laatste moet lukken, aangezien we al ruim de helft van je spreekruimte hebben ingenomen. Dit is geen toeval.

Het is eenvoudig om schamper te doen over andermans ellende, zo blijkt maar weer. Ik geef 
het je te doen om met lillende koorts en dito plofnek te belanden in een scenario dat door Murphy zelf geschreven is. Ik bonkte dan ook jammerend zes keer met mijn hoofd tegen het stuur, terwijl de Kameel, altijd het zonnetje in huis, begon te grinniken. “Dit 
is níet grappig!” foeterde ik. “Jawel,” zei hij. In de 
achteruitkijkspiegel keek ik naar het rood aangelopen monstrueuze creatuur dat ik geworden was. Later zou ik er vast om lachen, maar eerst moesten we hier weg. Dat ging nog best vlot, want toen mijn immer behulpzame oom er eenmaal was om me te redden, startte hij meteen mijn auto omdat de accu godbetert dus níet leeg was. Ik bonkte maar weer eens tegen het stuur.

“Ja,” zei de tandarts de volgende dag na een blik op mijn zesmaal overreden hoofd. “Die kies had er toch meteen uit gemoeten. Inschattingsfoutje.” Mijn mond kon nog exact een centimeter open. En dat zou de komende drie weken zo blijven, beurde hij me nog wat op. Maar eerlijk is eerlijk: met een paar keer wrikken lag de as van het kwaad bebloed op een doekje voor me. “Kijk,” sprak de tandarts vrolijk, “hier zie je de scheur goed zitten.” En inderdaad: daar was het schelle lentelicht, poëtisch schijnend op mijn ‘cracked tooth’. Waarmee de saga eindigt en mijn motti weer beginnen. Jammer dat mijn mond niet open kan, anders zou ik erom lachen.


 

Vorige deel van Tandsmart gemist? Die vind je hier.

VIVA-journalist Fleur Meijer (34) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Je kunt het blad hier online bestellen.

fleur.meijer@sanoma.com
Twitter: @lafleurfatale

Lees meer columns van Fleur:
Zorgexamen
Huiskamercafé
Ziek en volwassen
Balans
Mijlpaal
Sint is satan
Alarm
Landen
Reislijder
Saai Jong Stel
Oma
Septemberissues
Vlooien
Kattenleven
Vlees, Vlaanderen en film
Festival