Fleurs column: Vijand

fleurs column

Naast verpakkingsmateriaal heb ik nog één laatste natuurlijke vijand: de printer. Logisch ook, want het is algemeen bekend dat printers hier op aarde zijn gekomen met slechts één missie: gebruikers tot dusdanige waanzin drijven dat wereldvrede nooit een optie zal zijn. Bij mij heeft de printer deze missie in elk geval al schaterend voltooid. Wie mij en een printer opsluit in een afgesloten ruimte, ziet met eigen ogen hoe ver men überhaupt verwijderd kan raken van vrede in welke vorm dan ook. Ik – toch bekendstaand als geduldig, harmonieus en aimabel, nee heus, echt – heb dingen tegen printers geroepen waar Holleeder bleekneuzig van zou wegtrekken. Ik heb ze geslagen, geschopt en bespuugd.

Ik ben, ik geef het maar gewoon toe, verworden tot een printerpsychopaat. En nee hoor, daar schaam ik me alleszins niet voor. Dat hebben ze nou echt hé-le-maal aan zichzelf te danken. Zíj zijn namelijk de echte psychopaten. Ze parasiteren op chaos, en daarna op woede en frustratie. Printers brengen niets dan destructie. Kom, kom, hoor ik je denken. Zó erg kan het toch niet zijn? Welnu: dan heb jij duidelijk nog nooit te maken gehad met een printer die je afstuderen wilde saboteren. Weken, máánden zaten er in de scriptie, tot ik op het orgastische punt was aangekomen dat ik alleen nog maar hoefde te printen. Voorts kon ik met kalme tred richting de faculteit om het geheel daar in te leveren, ruim voor de ongelooflijk dodelijke deadline van twaalf uur. Wat er uiteindelijk gebeurde laat zich natuurlijk raden: ik, die in totale paniek de scriptie om kwart over twaalf hijgend over de balie gooide terwijl ik sméékte om vergiffenis want de printer, oh, de printer! Gelukkig was het een man en kan ik heel zielig huilen, anders had dat afschuwelijke logge monster nog gewonnen ook.

Het werd de aftrap voor een vendetta die tot op de dag van vandaag voortsleept. Inmiddels ken ik al zijn trucjes: hij lispelt dat de inkt op is terwijl ik wéét dat het niet zo is omdat ik een maand geleden nog voor veel te veel geld cartridges heb gekocht. Hij schwalbt minutenlang hijgend en puffend om vervolgens één leeg blaadje uit te braken. Hij vreet blaadjes op, die ik er dan weer woedend uit moet rukken. Hij tergt en treitert me met zogenaamde storingen, ontbrekende toners, stekkers en papierformaten. Al drie printers en vele jaren lang, thuis en op het werk.

“Ik doe het niet!” riep ik dan ook toen de Kameel mij verzocht om de kaartjes voor een feest uit te printen. “Ik print niet meer!” Kom, kom, zag ik de Kameel denken. Zó erg kan het toch niet zijn?

Wat er uiteindelijk gebeurde laat zich raden: De Kameel, in een onmogelijke houding op de grond, grommend van woede, rukkend aan het logge monster voor zich dat uiteraard weer eens níets deed, op de gebruikelijke folteringen na. “Koop dan een normále printer!” brieste hij. “Die bestáán niet!” fluimde ik. En ik dacht: zie je wel. Na de chaos, woede en frustratie is nu de destructie nabij. Op dat moment kotste het monster alsnog twee kaartjes uit. Maar de vrede, die liet nog even op zich wachten.

Fleur Meijer, VIVA redacteur
fleur.meijer@sanoma.com
Twitter: @lafleurfatale

Elke week lees je Fleurs column in VIVA. Online bestellen kan hier.