Hekel aan kerst: ‘Ik kreeg al buikpijn bij de gedachte van opzitten, gezellig doen en eten uit beleefdheid’

Sommige mensen kijken er het hele jaar naar uit: kerst. Maar wat als al die verplichte gezelligheid je gestolen kan worden? Viva’s Sofie over het leed dat kerst heet.

Tekst: Sofie Rozendaal

Kerstavond 2011. De rolluiken van het jarendertighuis zijn dicht, de binnenkant van de ruiten beslagen. Op de achtergrond klinkt klassieke kerstmuziek en de geur van kleffe bladerdeeghapjes dringt mijn neus binnen. Ik zit op een tweezitsbank, mijn vriend aan mijn zijde. Dit is de eerste kerst die we samen meemaken. Maar in plaats van ontspannen genieten, worden mijn ogen naar de klok getrokken. Ben ik echt pas een uur binnen? Ik forceer een glimlach terwijl ik de woonkamer rondkijk. Zijn familie vormt een kring. Zus, zwager, broer, schoonzus, vier kinderen en tot slot: de stamhoofden. Oftewel mijn schoonouders. Als vorsten zitten ze op hun fauteuils. Met een tevreden blik slaan ze het tafereel gaande. Binnen deze familie staat samenzijn voorop. Een warm bad, vol gezelligheid en tradities. Wat vooral betekent dat we bij elke gelegenheid worden gesommeerd om aanwezig te zijn. Van jubileums tot balletuitvoeringen van de kinderen. Toch haalt niets het bij deze avond. De kerstviering verloopt volgens een strak ritueel: er wordt geborreld, een kerstverhaal voorgelezen en iedereen krijgt een boek cadeau. Vervolgens mogen de kinderen laten zien wat ze op muziekles hebben geleerd en dan volgt het achtgangendiner. Urenlang. Tussen de gangen door mogen de kinderen eventueel een slaapje doen. Een luxe die voor de volwassenen niet is weggelegd. Pas als iedereen volgeladen en afgemat is, worden we vrijgelaten. Meestal in de kleine uurtjes. ‘We vieren kerst op deze manier sinds de geboorte van onze eerste zoon,’ vertelde mijn schoonmoeder, niet lang nadat ik de zomer ervoor kennis had gemaakt. ‘Sindsdien zijn we áltijd samen. Het komt weleens voor dat iemand ziek is, maar dat is geen reden om weg te blijven. Je kunt ook prima hier ziek zijn. Zolang we maar samenzijn is het goed.’ Dat ik het meer meelevend zou vinden om een zieke thuis in bed te laten liggen, durfde ik niet te zeggen. Net zo min als dat ik durfde te vertellen dat ik het Spaans benauwd kreeg van dat warme bad vol verwachtingen waar ik gevoelsmatig nooit aan kon voldoen. En bovenal: dat ik werkelijk niets met de feestdagen heb. Dat ik al kriegel word als de eerste kerstliedjes op de radio te horen zijn. Kerst stelde bij ons thuis niet veel voor. Op een kerstboom en een paar cadeautjes na deden we niets bijzonders. Zowel mijn ouders als grootouders hebben dat kerstgevoel blijkbaar niet. Mijn vader was de helft van de feestdagen niet eens in het land, vanwege zijn werk als piloot. En mijn moeder voelde niet de drang om allerlei mensen uit te nodigen. Saai, antisociaal? Misschien. Maar ik heb meegekregen dat iedereen vooral zelf moet weten hoe je kerst viert. Vind je het leuk om dat uitgebreid te doen? Prima! Ben je liever samen met je partner? Ook goed. Of je viert het niet, zoals wij. Een traditie die ik in mijn volwassen leven heb voortgezet.

Dit verhaal is afkomstig uit VIVA editie 51/52-2018. Deze editie ligt t/m 1 januari in de winkel of kun je online lezen via Blendle.

»HET HELE ARTIKEL LEES JE HIER OP BLENDLE «

Beeld: iStock