Holiday from hell: ‘Uiteindelijk bleek dat ik een parasiet in mijn lichaam had’

Het ticket is geboekt, de ‘Lonely planet’ is doorgebladerd: laat die exotische droomreis maar beginnen. Toch? Voor Fabiënne (24), liep het anders. Nadat ze 7 weken aan het reizen was ging het mis bij een waterval in Thailand. Haar reistip: “Glij niet zomaar van een waterval af, maar check waar het diep genoeg is.”

Tekst Rhija Jansen | Foto’s iStock

“Mijn been zakte als een pudding in elkaar, en gaf een stekende pijn die ik nog nooit eerder had gevoeld. Een minuut ervoor was ik van een hoge waterval in het dorpje Pai in Thailand afgegleden. Het water had de rotsen als een soort glijbaan uitgesleten. Iedereen gleed eraf, het zag eruit alsof het prima kon. Maar ik ging nét op een andere plek van de waterval af dan de anderen, en belandde drie meter lager in een ondiep stuk water dat tot mijn middel kwam.
Ik heb mijn been gebroken, was de eerste gedachte die in me opkwam. Het was zo’n harde klap, dat mijn adem stokte. Hierdoor kon ik amper praten of huilen. Ik zwaaide naar de andere backpackers; zij trokken me uit het water de kant op. Aan mijn been was niet veel te zien, behalve dat mijn grote teen verschrikkelijk bloedde uit een snee van vier centimeter lang. In het hostel kreeg ik pijnstillers en icepacks van de andere backpackers. Maar ik ben niet het type dat meteen naar de dokter gaat, ik dacht: het komt wel goed. ’s Avonds begon mijn voet enorm op te zwellen en werd paars, waardoor ik amper een oog dichtdeed van de pijn. Ik had een Nederlands meisje ontmoet met wie ik een paar weken reisde. Zij drong erop aan om er een dokter naar te laten kijken, dus de volgende ochtend ging ik naar het ziekenhuis, dat er erg aftands uitzag. Er zaten bijvoorbeeld geen deuren in de behandelkamers; een wachtkamer vol locals keek toe hoe mijn been onderzocht werd. Het bleek niet gebroken te zijn, maar de wond aan mijn teen zag er lelijk uit. Hij was open en gaan ontsteken, het pus kwam eruit. Ze verbonden mijn teen, en ik kocht krukken in het ziekenhuis zodat ik me kon voortbewegen. Nog steeds dacht ik er niet over om naar huis te gaan; dan maar verder backpacken op krukken.”

Uitgedroogd

“Het lopen op krukken in de hitte viel me zwaar, ook omdat ik me ziek voelde. Ik was misselijk, eten en drinken stond me tegen, ik had last van diarree en was ontzettend moe. Maar ik wilde dolgraag Bangkok nog bekijken.
Toen we in de trein zaten, kwam de conducteur helemaal van slag op ons af. Hij vertelde dat er aanslagen op een tempel in Bangkok waren gepleegd, waarbij twintig doden waren gevallen. Het was heel gevaarlijk om als toerist de trekpleisters van de Thaise hoofdstad te bekijken, ook omdat de daders nog niet gepakt waren.
In Bangkok vertrok mijn Nederlandse reismaatje naar Nederland, haar vakantie was voorbij, en in het hostel begon ik me steeds slechter te voelen. Ik kon nergens heen, omdat ik me ziek voelde en omdat er gevaar voor nieuwe aanslagen was. Ik belde mijn verzekering om te vragen of ik eerder naar huis kon, maar zij lieten me weten dat ik hiervoor een ‘Fit to fly’-formulier nodig had: een bewijs van een arts dat je gezond genoeg bent om te vliegen. De verzekeringsmaatschappij zorgde ervoor dat ik onderzocht werd in een vijfsterrenziekenhuis. De arts schrok: ik bleek zwaar uitgedroogd te zijn en werd meteen opgenomen en aan een vochtinfuus gehangen. Ik liet het maar over me heen komen.”

Eenzaam

“In het ziekenhuis heb ik me erg eenzaam gevoeld. Mijn reismaatje was weg, ik was te kort in Bangkok geweest om mensen te leren kennen in het hostel, met de zusters kon ik niet echt een gesprek voeren en de enige andere patiënt op mijn kamer had constant de gordijnen om zijn bed gesloten. Gelukkig kon ik bellen met mijn ouders en mijn vrienden, dat hielp heel erg. Verder heb ik vooral geslapen. De antibioticakuur sloeg niet aan, en mijn toestand ging in eerste instantie achteruit. Ik was ontzettend loom en mijn moeder zei aan de telefoon dat ik heel langzaam en onduidelijk praatte. Daarnaast was de diarree nog niet over, dus ik had nog steeds een vochttekort. De hele week hield ik echter mijn tranen binnen en probeerde ik mezelf moed in te spreken: ‘Kom op Fabiënne, je vindt jezelf een positief persoon, laat dat nu dan ook zien.’ Je kunt wel verdrietig zijn, maar daar raak je alleen maar gedeprimeerd van, wat het nog zwaarder maakt. Ook wilde ik niet dat het thuisfront zich extra zorgen zou maken.”

Buikinfectie

“Uiteindelijk bleek dat ik een parasiet in mijn lichaam had, waardoor ik een buikinfectie had gekregen die me ernstig ziek maakte. Die parasiet had ik waarschijnlijk een paar weken ervoor in Maleisië opgelopen. Ik kreeg nieuwe antibiotica, die wél aansloegen. Na bijna een week in het ziekenhuis aan het vocht en antibiotica te hebben gelegen, kreeg ik te horen dat ik naar huis mocht. Toen ik dat hoorde, kwamen de tranen van opluchting. De volgende ochtend werd ik met een taxi naar het vliegveld gereden, waar speciaal rolstoeltransport op me stond te wachten.
Normaal baal ik altijd als ik weer op Schiphol ben na een lange reis, maar nu was ik dankbaar weer bij mijn familie te zijn en blij dat ik ze op het vliegveld weer in mijn armen kon sluiten. De val van de waterval is nu een jaar geleden, maar mijn enkel blijft instabiel. In Nederland kwam ik erachter dat mijn enkelbanden ingescheurd waren, daardoor werd het zo dik. Met fysiotherapie probeer ik ze sterker te maken, maar het is vreemd dat het al zo lang duurt.
Ondanks deze gebeurtenis hou ik nog steeds van reizen. Deze zomer ga ik backpacken in Laos, Myanmar, Sri Lanka en de Malediven. Want once the travel bug bites, there is no antidote.”

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 30. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «