Merels vriend stopte met alcohol: ‘Zonder drank was er niets meer over van de man voor wie ik was gevallen’

Oké, misschien dronken Merel (28) en haar vriend op een gegeven moment wel erg veel. Maar toen hij ervoor koos om permanent droog te staan, bleek hij een enorm saaie, controlerende droogkloot te zijn.

‘Ik denk niet dat ik overdrijf als ik zeg dat de meeste relaties beginnen met een plop. Van een kurk, welteverstaan. Ik durf zelfs te beweren dat weinig stellen de eerste date zouden doorkomen zonder een drankje; laat staan hun eerste ruzie.

Tot zover geen problemen: Brent en ik hielden allebei wel van een glaasje. Of twee. Of drie. Ik heb warme herinneringen aan liederlijke avonden, doordrenkt met gin-tonic en wodka, waarop we door de stad zwierden en in de meest bijzondere situaties terechtkwamen. Ik heb altijd een zwak gehad voor schrijvers als Ernest Hemingway en F. Scott Fitzgerald die zonder drank nooit zulke spannende levens hadden geleid en nooit zulke briljante boeken hadden afgeleverd. En ik was er ook altijd van overtuigd dat een béétje alcohol een bijdrage levert aan het interessanter maken van mijn eigen bestaan. Natuurlijk zie ik de problemen van een echte verslaving, maar ik vind mensen die af en toe een borrel achteroverslaan nou eenmaal meestal een stuk leuker om mee om te gaan. Ze zijn vaak creatiever, empathischer en negen van de tien keer ook nog eens uitstekende entertainers. Neem nou de uitvaart van mijn wijn slempende oom. Je kon over de hoofden lopen. Van kleine kinderen tot de bejaarden uit het tehuis in de buurt: iedereen hield van die man en was gekomen. Dat was bij de begrafenis van mijn zure oma Ank, die altijd alleen van slappe thee met melk nipte, toch echt niet het geval. Ik zag er dus ook totaal geen probleem in dat Brent en ik elke avond een paar glazen wijn dronken bij het eten. En dat er bij ons geen weekend voorbijging zonder een aantal shotjes of cocktails. Maar voor Brent werd het wel een probleem. Het begon toen we onze pup Wijntje kregen. Zijn naam was een verwijzing naar hoe Brent en ik elkaar hadden leren kennen; bij een wijnproeverij. Hij en ik namen ons nieuwbakken ‘ouderschap’ heel serieus. Als je een kind krijgt, ga je minder uit en wil je het thuis een beetje gezellig maken. Dus dat deden we. Wat in de praktijk betekende dat we op de bank zaten te kroelen. Niet alleen met pup Wijntje, maar als het even kon ook met een wijntje in de hand. Zo gingen er per avond zomaar een paar flessen wijn doorheen.’

Dry ‘rest van zijn leven’

‘Ik zag het probleem niet; m’n werk ging lekker en ik had nergens last van. Maar na de feestdagen zei Brent ineens: ‘Ik denk dat ik stop met drinken. Daar schrok ik zo van dat ik meteen een slok van een lekker vette chardonnay, mijn lievelings, achteroversloeg. ‘Ik hou echt van de smaak van drank, maar niet meer zo van het effect,’ ging hij verder. ‘Nu ik de dertig voorbij ben, trek ik het gewoon niet meer om me ’s ochtends niet fris te voelen als ik de avond ervoor heb gedronken.’ Zoals bij elke shock in het leven schoot ik in eerste instantie in de ontkenning (‘Dit meen je toch niet?’ ‘Ja, ik meen het wel!’) en daarna in de onderhandelingsmodus: ‘We kunnen toch nieuwe regels instellen en alleen drinken in het weekend? En je neemt toch nog wel een wijntje als ik me heb uitgesloofd met koken of als we iets te vieren hebben?’ Maar Brent was onverbiddelijk. Hij had er heel goed over nagedacht, zei hij. Hij ging voor de volle honderd procent voor dry January. En daarna voor een dry ‘rest van zijn leven’.

Na de aanvankelijke schrik dacht ik: ach, dat houdt ie nog geen twee weken vol. Maar ik had het mis. Het enige wijntje dat Brent nog aanraakte was de hond, waarmee hij uren ging wandelen en daarna ‘ontspande’ met een kop verse gemberthee. Of, als hij in een wilde bui was, een cola zero. Januari werd februari, de maand van ons vierjarig jubileum. ‘Je kunt nu toch wel één glaasje wijn drinken?’ zei ik. ‘Ik heb deze fles nog gekocht bij die proeverij waar we elkaar voor het eerst zagen!’ Maar Brent zei alleen maar hoeveel gezonder en minder gestrest hij zich voelde sinds hij alcohol uit zijn leven had gebannen. ‘O kom op,’ zei ik geïrriteerd. ‘Je doet net alsof je een ontzettende alcoholist was. Zo erg was het allemaal ook weer niet.’ ‘Ja Merel, zo erg was het wél!’ viel Brent uit. ‘En zo erg is het voor jou trouwens ook. Een van de belangrijkste kenmerken van overmatig drinken is ontkenning. Als je denkt dat een alcoholist iemand is die elke nacht onder een brug ligt met een fles drank of elke avond laveloos het café uitstrompelt, ja, dan valt het mee. Maar jij kunt totaal niet meer ontspannen zonder drank en dat is óók een probleem. Weet je hoe dat heet? Hoogfunctionerend alcoholisme. Je drinkt elke dag, en dat is echt niet meer voor de gezelligheid. Zeker niet nu ik niet meer meedrink. Het is gewoon zelfmedicatie. Als ik eerlijk ben, wil ik dat je ook stopt. Ik voel me niet meer verbonden met je op deze manier.’ Ik schrok ontzettend van wat Brent zei. Dacht hij echt dat ik een serieus alcoholprobleem had? Ik wilde bewijzen dat dat zeker níet aan de hand was. ‘Oké,’ zei ik. ‘Ik stop vanaf nu. Dan zul je zien dat het totale onzin is wat je zegt.’ Om mijn woorden kracht bij te zetten, gooide ik de halflege fles chardonnay die op het aanrecht stond leeg in de gootsteen. Zonde, dacht ik nog. Maar mijn eer en onze liefde waren me meer waard dan een dure fles van mijn favoriete wijn.’

Wijn-weduwe

‘In de derde week zonder alcohol begon ik mijn leven te haten. Ik dacht helderder en herinnerde me meer. Maar wat miste ik het proeven van nieuwe speciaalbiertjes en mijn dagelijkse glaasje wijn voor, tijdens en na het eten. Ik miste het warme, fuzzy gevoel van dat eerste drankje. Ik vond het leven echt een stuk minder leuk. Brent en ik beleefden nooit meer echte avonturen tijdens het uitgaan. En de laatste keer dat we de slappe lach hadden gehad, kon ik me niet eens herinneren. ‘Verslaving is het tegenovergestelde van verbinding,’ las ik ergens. Toch had ik me een stuk meer verbonden met hem gevoeld na een avondje slempen in de kroeg dan nu we elke avond broodnuchter om half elf samen in bed lagen… Ik ben een wijnweduwe, dacht ik sarcastisch. Mijn vent leeft misschien nog wel, maar hij is niet meer dezelfde. Ik lachte als een boerin met kiespijn om mijn eigen grapje, maar diep vanbinnen voelde ik me ellendig.

Na die drie weken vond ik het wel welletjes en zei ik tegen Brent: ‘Zie je wel dat ik makkelijk zonder kan? Zullen we nu weer normaal doen?’ Hij keek me aan alsof ik voorstelde samen een fles azijn leeg te drinken. ‘Dit ís normaal, Merel. Wat wij al die tijd deden, was dat niet. En als je echt geen alcoholprobleem hebt, zou je nu niet de behoefte hebben om ooit weer een druppel te drinken.’

Pfff, dacht ik. Ik voelde me net een vijftienjarige puber die terecht wordt gewezen door haar vader. Nu wist ik ook weer wat ik altijd zo irritant vond aan mensen die stoppen met roken of met vlees eten. Niet het stoppen an sich, maar het drammerige en zedenprekerige gedrag dat ermee gepaard gaat. Precies het gedrag dat Brent nu vertoonde. Maar ik ben niet zo van de harde confrontaties. Dus op dat moment liet ik het maar even.’

Tekst: Vivienne Groenewoud | Foto: iStock

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip!