Janine heeft een ernstige darmziekte: ‘Ik was langzaam aan het doodgaan’

Janine Noijen (38) heeft de chronische darmziekte colitis ulcerosa, waardoor ze de halve dag op het toilet zit, vaak pijn heeft en altijd moe is. Maar veel begrip is er niet voor, merkt ze. ‘Praten over poep is nou eenmaal niet sexy.’

Tekst: Amanda van Schaik | Foto: Dirk-Jan van Dijk

‘Als ik vertel over mijn chronische darmziekte, reageren de meeste mensen met een viezige blik en vaak een opmerking in de trant van: ‘Ik had laatst een verkeerde zalm gegeten, nou, het spoot eruit!’ Maar een darmziekte is niet te vergelijken met een slecht gevallen sushirol. En goedbedoelde adviezen om een bepaald dieet te volgen of die en die alternatieve geneeswijze te proberen, helpen niet. Dan lijkt het alsof er een oplossing voor is, maar er is geen remedie.’

Iets verkeerds gegeten

‘Ik heb altijd last van mijn buik gehad. Aardbeien at ik bijvoorbeeld nooit, want daarvan kreeg ik meteen buikpijn. Ik dronk geen jus d’orange, want daarvan moest ik ook heel snel naar de wc. Gevoelige darmen dacht ik, zoals zo veel mensen hebben. Niets om me druk over te maken. Maar ik kreeg er steeds meer last. Twaalf jaar geleden, toen ik 26 was, werden de klachten erger. Ik had hevige buikkrampen, werd misselijk, kreeg diarree en was enorm moe. Wat heb ik nou weer verkeerd gegeten? dacht ik nog. Na ongeveer vier maanden hevige klachten zag ik opeens bloed en slijm in mijn ontlasting. Als dat gebeurt, moet je naar de huisarts had ik gehoord. Dus dat deed ik. Zij beweerde dat ik aambeien had, of een scheurtje in mijn anus omdat ik te hard zou hebben gepoept. Zonder dat ze ook maar in die regio had gekeken. Dit zou vanzelf helen, meende ze. Toen ik ook nog pijn in mijn onderbuik kreeg en een bloedtest blaasontsteking uitwees, kreeg ik antibiotica. Maar de bloed in mijn ontlasting bleef, ik was constant moe en had veel pijn. Dus kreeg ik zware pijnstillers. Toen ik enorm afviel en voor de zoveelste keer langs mijn huisarts ging, gooide zij het op stress. Ik kon niet meer werken, zo moe was ik. Voor spelen met mijn eenjarige dochtertje had ik ook geen energie. Ik was echt een schim van mezelf: in een halfjaar ging ik van 55 naar 42 kilo. Ik ben 1,71 meter, dus je kunt je voorstellen hoe uitgemergeld ik eruitzag. Maar de huisarts vond dit geen reden tot paniek en bleef pijnstillers voorschrijven. Braaf luisterde ik naar haar. Dat had ik beter niet kunnen doen, want het ging van kwaad tot erger.’

Slechte dokter

‘Op een gegeven moment was ik zo ziek dat ik amper meer kon lopen. Ik zat de halve dag op de wc en ik had alleen maar diarree met bloed en slijm. Ik kon niet meer. Mijn toenmalige vriend zag dat ook en lichtte mijn ouders in. Ze brachten me naar de eerste hulp van het ziekenhuis. Daar werd snel duidelijk dat ik was uitgedroogd en mijn ontstekingswaarden door het plafond gingen. Buikfoto’s en een colposcopie – een kijkonderzoek in de dikke darm – lieten zien dat mijn dikke darm volledig ontstoken was. Eindelijk werd de juiste diagnose gesteld: colitis ulcerosa, een chronische ontsteking aan de dikke darm. De oorzaak ervan is onduidelijk. Vooralsnog is het dikke pech. Meestal wordt colitis ulcerosa behandeld met medicijnen: die remmen ontstekingen af en voorkomen nieuwe. Maar mijn dikke darm was niet meer te redden. In het ziekenhuis werd me verteld dat de belabberde aanpak van mijn huisarts averechts heeft gewerkt. Antibiotica is een van slechtste dingen die je de darmen kunt aandoen en ook zware pijnstillers zijn funest voor darmpatiënten. De behandeling door mijn huisarts heeft me meer kwaad dan goed gedaan. Het kan nooit worden bewezen. Maar als mijn darmontsteking bijtijds was aangepakt, waren medicijnen misschien wel aangeslagen.’

Dit interview is afkomstig uit VIVA 47-2018. Deze editie kan je hier online bestellen, maar ook online via Blendle lezen.

»HET HELE ARTIKEL LEES JE HIER OP BLENDLE «