Gijs Rademaker: ‘Ik vond mezelf een raar, springerig jongetje, niet geschikt voor televisie’ (uit het magazine)

gijs rademaker

‘De helft van de Nederlanders blijft thuis deze zomer.’ Zomaar een recente uitslag van opiniepeiler Gijs Rademaker, die zichzelf ‘never voor de schermen’ zag. Nu wil de EenVandaag-presentator méér.

Gijs Rademaker (41) is journalist, opiniepeiler en televisiepresentator. Hij studeerde geschiedenis en journalistiek en presenteert sinds 2010 de resultaten van de peilingen van het Opiniepanel in de uitzendingen van EenVandaag en andere tv-programma’s. Hij is getrouwd met Yang, met wie hij drie kinderen heeft: Luke (11) en de tweeling Rozemarijn en Tobias (8). Het gezin woont in Hilversum.

Kom je de coronatijd een beetje door?

‘Ja joh, het is alsof ik drie verkiezingscampagnes tegelijk draai. Er gebeurde in het begin de hele tijd van alles, dat ging maar door. En nog steeds, want elke fase brengt nieuwe vragen met zich mee. Je ziet dat mensen nu wat relaxter worden. Wat betekent dat? Zijn mensen nog steeds bang om ziek te worden? Hoe kijken ze naar de versoepelingen? Durven ze deze zomer op vakantie te gaan naar het buitenland? Wij fungeren als een soort thermometer van het volk.’

Ben je inmiddels niet een beetje coronamoe?

‘Ja, echt wel. Ook al zijn de onderwerpen steeds anders, ik heb het er wel mee gehad. Dat heeft iedereen, denk ik.’

Hoe word je überhaupt opiniepeiler, is daar een school voor?

‘Toen ik acht was, maakte ik al krantjes voor de buurt. Met raadsels, tips en verhandelingen over de middeleeuwen. Ik wist al jong dat ik verhalen wilde vertellen en uitleggen. Toen ik als tiener met mijn ouders naar Netwerk begon te kijken, dacht ik: dat wil ik ook, mensen vertellen hoe het zit.’

Zag je jezelf voor of achter de schermen?

‘Niet voor de schermen, never. Ik vond mezelf een raar, springerig jongetje, helemaal niet geschikt voor televisie. Als ik de beelden van mijn demo voor het opiniepanel terugkijk, was ik dat ook echt niet. Ik had een enorme bos krullen met een mat en droeg slobberoverhemden, gescheurde broeken en afgetrapte gympies. Achteraf denk ik: waarom deed ik dat? Maar het ging mij om de inhoud, niet om de vorm. Heel hautain, eigenlijk.’

Hoe zijn je mat en jij toch op tv beland?

‘Na m’n studie geschiedenis en journalistiek in Groningen heb ik mezelf naar binnen gelobbyd bij TweeVandaag, de voorloper van EenVandaag. Daar was ik heel tevreden mee, want ik deed wat ik wilde: bij een actualiteitenprogramma het nieuws duiden. Het werd nog leuker toen er bij TweeVandaag iets werd uitgerold wat het Opiniepanel heette, een soort systeem waarin je mensen vragen kon stellen. Als journalist vond ik dat bloody interessant, en vervolgens vroegen ze mij of ik daar het gezicht van wilde worden. Dat vond ik in het begin vreselijk eng, maar ik heb nooit een moment spijt gehad van die stap.’

Heb je je nieuwsgierige inborst van huis uit meegekregen?

‘Mijn vader werkte als hoofd van de afdeling dijkverbetering, mijn moeder was speltherapeut. De creativiteit zat er dus wel in. Mijn broers en ik werden door onze ouders ook heel erg aangemoedigd om jezelf te uiten, maakte niet uit op welke manier: met tekenen, muziek maken, verhalen schrijven, toneelstukjes opvoeren. Dat heeft denk ik gewerkt, want mijn ene broer is balletdanser geworden – een van de beste ter wereld – en de ander is naast z’n werk bij de gemeente een vermaarde Europese graffiti artist.’

Werd de lat thuis hoog gelegd?

‘Ik ben van mezelf altijd heel ambitieus geweest, wat niet per se een goede eigenschap was. Zeker met mijn balletbroertje Marijn, die drie jaar jonger is dan ik, was ik heel fanatiek. Hij was altijd beter in alle sporten, wat mij er alleen maar toe aanzette om nog meer mijn best te doen.’

Zat jij ook op ballet?

Lachend: ‘Nee, ik vond ballet niks. Ik zat op hockey en heb zeven jaar viool gespeeld, totdat ik de moed had om mijn ouders te vertellen dat ik dat echt niet leuk vond.’

Je was de kleinste van de school en had rood haar. Werd je gepest?

‘Niet heel vaak, maar dat komt denk ik omdat ik mezelf heel outgoing en extravert opstelde. Als je klein, wit en roodharig bent, behoor je tot een risicogroep. Dat probeerde ik met mijn gedrag te compenseren. Ik heb mezelf goed leren kletsen, communiceren en bewegen in een groep. De populairste van het vwo ben ik nooit geweest, maar ik was een keurige middenmoter. Daar was ik tevreden mee, want dan viel ik ook niet te veel op.’

Op het vwo kreeg je al verkering met Yang, je vrouw. Waarom zijn jullie zo’n gouden match?

‘Zij is alles wat ik niet ben en andersom. Ik ben druk, heb soms een blinde ambitie en kan vrij neurotisch zijn. Zij is rustig, veel meer grounded en heel flexibel. Ook al zijn we 22 jaar bij elkaar, ik snap haar soms nog steeds niet. Ze is barista, dus ze werkt ook in een heel andere wereld dan ik. Al die verschillen houden het fascinerend en spannend tussen ons. Je hebt stellen die nooit ruziemaken, dat gebeurt bij ons regelmatig, maar het is ook altijd snel weer goed. Waar Yang mij kan voeden met rust, geef ik haar dynamiek. Dat is een heel fijne combinatie.’

Wat vindt ze ervan dat je steeds meer een publiek persoon wordt?

‘Prima, want het heeft mij niet genoeg veranderd om een bedreiging te zijn. En stiekem geniet ze ook wel van de voordelen die het oplevert. Dat zijn er niet heel veel, maar mijn omroep regisseert bijvoorbeeld elk jaar het Televizier Ring Gala. Als tv-redacteur vond ik dat best tof en interessant, maar nu skip ik de rode loper liever. Ik ben geen showbizz-BN’er en kan er niet echt van genieten. Maar Yang wel, dus voor haar doffen we ons elk jaar toch weer op. Als ik er ben en een beetje ontspan, zegt ze altijd: ‘Zie je wel dat het leuk is?’’

Tekst: Fleur Baxmeier | Foto’s: Maaike van Haaster
Met dank aan: MOUT Hilversum

Dit is niet het volledige interview met Gijs Rademaker. Benieuwd naar het gehele interview? Dat kun je lezen in de nieuwste VIVA #27, die vanaf vandaag in de winkels ligt. Weet je dat je de nieuwste VIVA ook als losse editie heel makkelijk kunt bestellen via deze link?