Monique (35): ‘Een kind met Down? Het lijkt me een gevangenis’

abortus

Na een prenatale test blijkt het kindje van Monique (35) downsyndroom te hebben. Ze besluit de zwangerschap te laten afbreken. Maar hoe vertel je dat aan je vriendin die een dochter heeft met Down?

‘Toen ik voor de prenatale test werd uitgenodigd, stond ik er eigenlijk helemaal niet bij stil dat het ook mis zou kunnen zijn. Ik dacht: waarom niet? Een extra echo is altijd meegenomen. Omdat ik me helemaal geen zorgen maakte, ging ik alleen naar het ziekenhuis. Arthur, mijn vriend, had wel aangeboden om vrij te nemen, maar dat vond ik onzin. Hij was net bij een nieuwe afdeling begonnen en hij was al mee geweest naar alle reguliere controles.’

Nekplooi

‘De echoscopiste was een leuke jonge vrouw. Vrolijk vertelde ze wat er precies ging gebeuren en waar ze allemaal op zou letten. Terwijl ze de metingen verrichtte, werd ze steeds stiller, maar ik zocht daar niets achter. Ik ging ervan uit dat ze zich concentreerde op haar werk. Pas toen ze er een collega bij riep om mee te kijken naar het scherm, begon ik lichtelijk ongerust te worden. Toch dacht ik nog dat het waarschijnlijk gewoon routine was. Na een tijdje vond ik de stilte ietwat ongemakkelijk worden, het duurde nu wel erg lang. Ik maakte een grapje, maar er kwam geen reactie.

Toen vroeg ik naar de meting van de nekplooi. Ik wist inmiddels wel dat alles boven de drie millimeter reden tot ongerustheid was. Ze wachtte even met antwoorden, haalde diep adem en zei dat ze er niet omheen wilde draaien: ze had een ernstig verdikte nekplooi geconstateerd van 5,4 millimeter. De kans was groot dat ons kind een afwijking had. Iets met de chromosomen, of misschien wel met het hart.

Lees ook:
Katja (36): ‘Sommige foto’s die naar me worden gestuurd, zijn echt verschrikkelijk’

Nooit verwacht

De wereld stopte even met draaien, ik had het gevoel dat al het bloed uit mijn hoofd wegtrok. Waarschijnlijk schrok ze van mijn krijtwitte gezicht, want ze ging direct verder met dat dit nog niet hoefde te betekenen dat er echt iets mis was. Maar ik hoorde het al niet meer. Ik wilde zo snel mogelijk weg uit die kamer. Verdoofd nam ik afscheid. Natuurlijk moest ik eerst nog een vlokkentest doen om het zeker te weten, maar ik had er geen goed gevoel bij. Hete tranen stroomden over mijn wangen toen ik het ziekenhuis uit liep. De bezorgde blikken van de mensen die ik onderweg tegenkwam, negeerde ik.

Ik was onderweg naar huis toen Arthur belde om te vragen hoe het was gegaan. Hij schrok ook verschrikkelijk en kwam direct naar huis. Die middag en avond hebben we lang met elkaar gepraat. Wat zouden we doen als het echt mis was? We hadden nog niet stilgestaan bij die mogelijkheid, maar nu de kans zo duidelijk aanwezig was, wilden we een besluit nemen voordat we voor een voldongen feit zouden staan. Voordat emoties onze echte mening misschien zouden vertroebelen.’

Snel besloten

‘Als ik eerlijk ben: we hoefden er niet echt lang over na te denken. Hoe graag ik ook moeder wil worden, ik weet zeker dat ik geen goede moeder voor een kind met downsyndroom zou kunnen zijn. Ik ben nogal ongeduldig en heb niet veel met heel kleine kinderen. Het klinkt waarschijnlijk raar, maar de babytijd zie ik als iets waar je nu eenmaal doorheen moet. Het zal ook best zijn charme hebben, maar ik verheug me veel meer op een groter kind met wie ik echte gesprekken kan voeren.

‘Je weet van tevoren nooit zeker in welke mate je kind het syndroom heeft’

Er zijn ongetwijfeld kinderen met Down die dat ook kunnen, maar je weet van tevoren nooit zeker in welke mate je kind het heeft. In de media zie je vaak alleen de wat minder ernstige gevallen. Natuurlijk weet ik dat het leven nooit garanties biedt, en dat een kind ook gehandicapt kan raken door zuurstofgebrek bij de geboorte of een ongeluk op latere leeftijd. Maar als dat zo is, dan heb je daar geen enkele invloed op. Linksom of rechtsom vind je dan vast een manier om dat op een zo goed mogelijke wijze in te vullen. Je blijft toch van je kind houden.

Maar iets dergelijks bewust over jezelf afroepen als je wél de keuze hebt? Nee, daar zou ik niemand een plezier mee doen. Mijzelf niet, Arthur niet, en de baby ook niet. Daarbij willen Arthur en ik graag twee kinderen, als het ons gegeven is. En om een kind dat ons waarschijnlijk zal overleven op te zadelen met een gehandicapt broertje of zusje, iemand die altijd afhankelijk zal blijven, dat vind ik nogal wat. Het was een verschrikkelijke keuze om te maken. Ik wil absoluut niet de indruk wekken dat het me niet aan het hart gaat, maar ik ben ook ontzettend blij dat we de mogelijkheid hebben om te kiezen.’

Lees ook:
In vertrouwen: ‘Ik wilde mijn zus financieel niet helpen’

Gelovige vriendin

‘We waren er dus redelijk snel uit, al hoopten we natuurlijk dat het vals alarm zou blijken te zijn. De vlokkentest liet echter geen ruimte voor twijfel. Het kind in mijn buik, een meisje, bleek inderdaad het syndroom van Down te hebben. Natuurlijk was ik intens verdrietig en rouwde ik om het idee van wat had kunnen zijn, maar ik was nog steeds vastbesloten: ik ga mijn zwangerschap afbreken. Uithuilen en opnieuw beginnen is ons credo.

Maar wat ik nog niet heb bedacht, is hoe ik dit aan een van mijn beste vriendinnen ga vertellen. Gewoon eerlijk zijn, zou je denken. Er is alleen een redelijk complicerende factor: Anna heeft een dochter van zes, Silke. En Silke heeft downsyndroom. Anna is nogal gelovig. Ik niet, maar dat heeft onze vriendschap nooit in de weg gestaan. Soms trek ik wel mijn wenkbrauwen op bij bepaalde uitspraken van haar, maar dat heb je in elke vriendschap weleens. Ze was 29 toen ze Silke kreeg. Buiten de risicoleeftijd, maar ze heeft nooit laten blijken dat ze geschrokken was van het feit dat haar dochter niet gezond ter wereld kwam.

Ik heb het allemaal van dichtbij meegekregen en er vaak met bewondering naar gekeken. Hoe zij ermee omgaat, dat zou ik nooit kunnen. Het lijkt wel alsof het haar niets uitmaakt. Ik heb haar weleens gevraagd, heel voorzichtig, of ze nooit teleurgesteld of verdrietig is geweest. Maar ik krijg alleen antwoorden als: ‘God zag blijkbaar dat ik heb wat nodig is om voor zo’n speciaal kind te zorgen.’ Dan knikte ik maar een beetje instemmend. Ik geloof niet dat alles voorbestemd is, maar als zij dat wel doet, wie ben ik dan om haar dat te ontnemen?’

Moeilijk leven

‘Soms vond ik het wel lastig om mijn mond te houden. Bijvoorbeeld toen Anna zei: ‘Als je Silke zo ziet, zou je toch niet zeggen dat ze Down heeft?’ Dan keek ik naar Silkes schuinstaande oogjes en tong die bijna altijd uit haar mond hangt, en omdat ik het gemeen vond om te zeggen dat ik overduidelijk kon zien dat Silke gehandicapt is, mompelde ik maar wat. Anna ziet haar dochter als een geschenk, en ik vind het prachtig dat ze alleen de persoon ziet die Silke is, niet de afwijking die ze heeft. Ik ben echt bij mezelf te rade gegaan of ik dat ook zou kunnen. Of ik mijn kind op die manier zou kunnen zien. Maar dat lukt me met de beste wil van de wereld niet.

‘Als ik naar haar dochtertje kijk, zie ik een last die alleen maar groter wordt’

Als ik naar Silke kijk, zie ik een last. Een die alleen maar groter en groter wordt. Silke is een problemenpakket. Natuurlijk heeft ze grappige momenten, maar wat mij betreft wegen die niet op tegen de hysterische buien die ze heeft. Het valt me ook op dat mensen er vaak zo makkelijk over doen. Ze zeggen dat kinderen met downsyndroom altijd lief en vrolijk zijn, maar volgens mij klopt dat helemaal niet.’

Dit artikel komt uit VIVA-04-2021. Dit nummer ligt op 27 januari in de winkel of lees je hier verder via Blendle.

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.