Noah: ‘We kleden ons uit in een cabine en de leuke serveerster komt ons achterna’

Single Noah (33, accountmanager bij een uitgeverij) vertelt elke week over zijn date-avonturen.

Erg stoer zijn Menno en ik niet, die eerste avond in het prachtige Nice. De autorit heeft ons zo uitgeput dat we na het eten – tweemaal sardines farcies – als de twee oude Muppetmannetjes Statler en Waldorf in slaap vallen. Mijn voeten steken uit het voeteneind van het bed. Onze Hollandse maten wijken nog steeds af van het Franse ‘normaal’. Als ontbijt drinken Menno en ik koffie aan de boulevard en kopen bij een bakkertje vier chocoladecroissants. Ze vullen voor geen meter. We lopen door de winkelstraat, kijken hier en daar op een menukaart op een standaard buiten. Dan trekt Menno me Massimo Dutti in, een herenzaak met een bekakt assortiment, waar hij zowaar een hippe chino vindt met pijpen tot aan zijn kuit. ‘Lekker Frans.’ Ik draag geen sokken, dát vind ik nu lekker Frans, maar de blikken van de mensen om ons heen verraden onmiddellijk dat Menno en ik uitstralen dat we toeristen zijn.

Haar ogen zijn amandelvormig. Menno is dol op dit type. We kletsen even, bieden het duo een smoothie aan, maar ze weigeren lachend.

We worden na de lange lockdown behandeld als prinsen. Voor een kraampje in het midden van het centrum, schuin tegenover Galeries Lafayette, bestellen we verse smoothies. Als de eigenaar de drankjes aanreikt door de opening tussen het glas, port Menno me onhandig. Sap morst over mijn hand. Ik lik het af, grijp papieren servetten. Voor ons staan de twee bloedmooie dames die gisteren overstaken toen we voor het stoplicht wachtten. ‘Hi there.’ Een Brits accent. Ze zien er leuk uit. ‘Heading for the beach?’ vraagt een van hen met zo te zien Pakistaanse roots. Haar ogen zijn amandelvormig. Menno is dol op dit type. We kletsen even, bieden het duo een smoothie aan, maar ze weigeren lachend. ‘Too many vitamins.’ ‘Lekkere derrières,’ zegt Menno, overdreven articulerend wanneer het tweetal weer verder sjokt. Met de papieren winkeltas van Massimo Dutti als strandtas, steken we de Promenade des Anglais over, richting strand. ‘Nice is nice.’ Ik denk aan de zes dagen die nog voor ons liggen. Aan het heerlijke weer. Aan de smoothiekraam waar ik mezelf beloofde dat ik er elke dag een nieuwe smaak ga proberen.

Lees ook: Noah: ‘Ik geef Menno een boks. Geluk voelt soms zo ontzettend simpel’

Overal lopen vriendinnen, vrolijke mensen, huppelende kinderen, oude mannetjes in korte bermuda’s met een wandelstok en chique dames op kittige hakjes met grote kettingen over hun strandjurken. De serveerster met vrolijk wippende paardenstaart glimlacht als ze ons bier neerzet. Menno schopt zijn espadrilles uit en pelt zijn kletsnatte sokken af. We kleden ons uit in een cabine en de leuke serveerster komt ons achterna met twee glazen water en onze halfvolle biertjes. ‘Zij gaat mee naar huis,’ zegt Menno. Ik zucht. Het leven is goed. Net voor ik mijn kluisje afsluit en Menno naar de strandbedden volg, piept mijn telefoon. Kirstens foto. ‘Ismaël flipt hier. Mag ik komende week in jouw huis?’

De naam Noah is om privacyredenen gefingeerd.

Dit verhaal komt uit VIVA-2020-34. Dit nummer ligt t/m 25 augustus in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «