Opgezwolle: ‘Ik ga nooit uit, ik ben de saaiste gast ooit’

VIVA drinkt elke week een drankje met een leuke man. Deze week strikten we rappers Rico (38, rechts) en Sticks (34), die hun vijftienjarig jubileum in de muziek vieren met hun #Opgezwolletotnu-tour.

Interview San van de Ven | Beeld Maaike van Haaster

Het is de heetste septemberdinsdag ooit als we aan de bar van Hotel Lumen zitten met rappers Rico en Sticks. Natuurlijk in Zwolle, hun hometown. Ze ogen uitgerust, lijken compleet op hun gemak en zijn – tot genoegen van de fotograaf – meester in het ‘spontaan poseren’. De tap blijft dicht, in plaats daarvan laten we koffie en water aanrukken.

Rico en Sticks, die elkaar zeventien jaar geleden hoorden rappen op een Zwols hiphopfeest en met producer Delic de groep Opgezwolle begonnen, gelden als pioniers van de Nederlandse hiphopscene. Ze scoorden hits als ‘Hoedenplank’ en ‘Gekke Gerrit’, wonnen belangrijke muziekprijzen en speelden alle poppodia plat. Ondanks het succes trokken ze in 2007 zelf de stekker uit Opgezwolle. Rico en Sticks gingen door als Fakkelbrigade en focusten zich op soloprojecten. Toen ze vorig jaar aankondigden als duo te gaan touren met muziek uit de Opgezwolle-tijd én de periode daarna, waren binnen een uur de kaarten op. Ze stonden het afgelopen jaar op alle grote poppodia, verkochten de HMH uit en braken de tent af op Lowlands en Sziget. In december sluiten ze af in Ziggo Dome, met hun oude maatje Typhoon die al op hun eerste cd te horen is.

Het klinkt alsof jullie het heel druk hebben.

Sticks: “Het is nu rustig, want we hebben heel veel opgetreden en zitten nu eigenlijk alleen maar in de studio.” (schieten allebei in de lach) “Er komt niet altijd evenveel van terecht.”

Hoe komt dat?

Sticks: “Door het mooie weer, of vakantie, of een kind krijgen.”

Ja, want je bent in juli vader geworden. Al gewend aan het vaderschap?

Sticks: “Ja hoor. Het is nog steeds allemaal wonderlijk enzo, maar de eerste weken was ik echt van slag. En Liv, mijn dochter, wordt ook steeds wat helderder. Het is bizar: ik kan me nu al geen leven meer zonder haar voorstellen, al voelt het nog een beetje gek om te zeggen dat ik vader ben. Ze is een heel lieve meid, goedlachs, huilt alleen als ze honger heeft. Zal ik een foto laten zien?”

Ben je er nu zo een?

Sticks (pakt zijn telefoon): “Nee, ik waak daarvoor. Nog even eentje die mijn vriendin heeft gemaakt, die vind ik zo tof… Maar goed, dat is een van de redenen dat ik niet veel in de studio was. Sinds kort ben ik weer aan het werk. Ik heb gister twee liedjes opgenomen met Kraantje Pappie en vorige week met The Partysquad en Lil’ Kleine.”

En Rico, jouw vrouw is ook zwanger toch?

Rico (grijnzend): “Nog acht à negen weken.”

Sticks: “Tering, zo snel.”

Rico: “Jaja. Een dikke buik ook al. Dus alles wat ik erover wil weten, vraag ik aan Sticks. Laatst zaten we samen in de auto, en normaal praat je gewoon mannenpraat, maar nu was het: welke kinderwagen ga jij halen? En: zo’n Tripp Trapp, is dat echt zo’n vet ding? Ik kan me er alleen nog geen voorstelling van maken: je ziet de buik, voelt hem – het wordt een jongetje – maar verder is het vaag.”

Sticks: “Had ik ook. Pas als het geboren wordt, dringt het door. Gaat ze in het ziekenhuis bevallen of thuis?”

Rico: “We twijfelen nog. Het ding is: we zitten met vijf, zes trappen. Dus mocht er iets zijn van complicaties, dan moet je al die trappen af. Maar goed, volgende week begin ik met de cursus Samen bevallen.” (Rico verslikt zich bijna in zijn water van het lachen) “Samen bevallen, als ik het zo hoor…”

Sticks: “Ik zei op een gegeven moment tegen hem: je wilt er niet als een lul naast staan als je vriendin aan het bevallen is. Ik vond het fijn dat ik die ietwat nare cursus had gehad, zodat ik mijn vriendin erdoorheen kon leiden.”

Dat is wel andere koek dan tien, vijftien jaar geleden.

Rico: “We zijn gestopt met school om muziek te maken en rapten in het begin nog voor een kratje bier of een geeltje.”
Sticks: “De eerste zes jaar zaten we letterlijk elke avond met elkaar de nieuwste hiphop te luisteren. En ondertussen: schrijven, schrijven, schrijven. En jointjes roken.”
Rico: “Vooral na het tweede album kregen we meer shows. De tours die we toen deden, draaiden ook om heel veel zuipen: feesten, optreden, heel hard gaan. Dat is ook het grote verschil met de shows van het afgelopen jaar: we stonden er bewuster in. Ik kan alle optredens zo terughalen.”
Sticks: “Het is ook de bagage van mid-dertig, eind dertig. We kunnen alles nu beter in perspectief plaatsen en beseffen: wat tof eigenlijk dat we dit mogen doen. En dat er zo veel mensen op afkomen.”

Maar nu drinken jullie niet meer?

Rico: “Twee weken terug heb ik de stop erop gezet. Ik dronk te veel wodka – dat mag je best weten. Dat zit in een beetje in mij om te hard door te gaan met dingen: vroeger was het bijvoorbeeld met jointjes roken. Nu heb ik bedacht dat ik tot onze show in Ziggo Dome niet wil drinken. Door het komende vaderschap, omdat 
ik nergens zin in had, vermoeid was. De eerste dagen waren wel pittig, met slecht slapen en van die rillingen, maar nu voel ik me heel goed.”
Sticks: “Ik heb zo mijn periodes, en meestal vallen die samen met optredens. Nu heb ik even geen behoefte om te 
drinken.”
Rico: “We gaan ook nooit uit, daar 
vinden we allebei niks aan.”
Sticks: “Ik doe nooit iets ’s avonds. 
Serieus, ik ben de meest saaie gast. Wat moet ik doen in een club? Als ik ergens heen ga, is dat de studio.”

En nu komt Ziggo Dome eraan. Draait alles daar nu om?

Rico en Sticks: “Hahaha.”
Sticks: “Sorry, ik word er lacherig van, omdat ik me een beetje schuldig voel. 
We hebben er nog weinig aan gedaan 
namelijk. Met Glenn, Typhoon, willen we een grootse show in elkaar zetten die je echt alleen die avond daar kunt zien. We hebben genoeg materiaal om uit te putten en willen ook nog eens nieuwe muziek brengen, alleen moeten we nog kijken hoe we alles tot een mooi geheel smeden. Maar dat gaat lukken hoor. Erewoord.”

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 39. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «


Ook vader in spé Marc de Hond zit op een roze wolk door zijn (ongeboren) spruit.