Qmusic-dj Fien Vermeulen: ‘Als ik iets wil, ga ik er voor honderd procent voor’

Qmusic-dj Fien Vermeulen (26) gaat lekker. Ze doet sinds een halfjaar de ochtendshow Mattie, Fien & Igmar, is vijf jaar schoon van kanker en verliefd op een held.

PRODUCTIE Valérie Ntantu

‘Zo, dat was nog even flink doortrappen,’ lacht Fien Vermeulen, nét op tijd voor het interview. ‘Ik heb die aandoening die laatst in het nieuws was. Dat je denkt dat je goed bent in timemanagement, maar het niet zo is. Bij mijn vriendinnen sta ik er al om bekend dat ik altijd een halfuur later ben. Ik app ook altijd: ‘Onderweg,’ als ik mijn spullen nog aan het pakken ben. Niemand die me gelooft.’‘Zo, dat was nog even flink doortrappen,’ lacht Fien Vermeulen, nét op tijd voor het interview. ‘Ik heb die aandoening die laatst in het nieuws was. Dat je denkt dat je goed bent in timemanagement, maar het niet zo is. Bij mijn vriendinnen sta ik er al om bekend dat ik altijd een halfuur later ben. Ik app ook altijd: ‘Onderweg,’ als ik mijn spullen nog aan het pakken ben. Niemand die me gelooft.’Op tijd of niet: Fien gaat als een trein. Ze werkte al als nieuwsdame voor de ochtendshow op Qmusic, maar sinds een klein halfjaar is ze vaste host geworden, naast collega’s Mattie Valk en Igmar Felicia. Die stap verliep niet onopgemerkt. Al na een paar maanden werd ze als presentatrice genomineerd voor een Zilveren Radioster en met het programma voor de Gouden Radioring.

Je had een droom: je wilde nieuwslezer bij het journaal worden. Heb je getwijfeld over dit aanbod?

‘Door die droom had ik nooit verwacht 
dat ik deze weg zou inslaan. Ik ging bij de radio werken omdat het me handig leek: 
je werkt er in een kleiner team dan bij tv en leert snel. Maar toen ik dit aanbod kreeg, zei mijn gevoel meteen: já! Geen twijfel, want het werk is ontzettend leuk. Het is wel wennen, mensen reageren nu anders op me.’

Omdat je een bekende Nederlander bent geworden?

‘Afgelopen zaterdag was ik voor het eerst te gast bij een spelletjesprogramma op tv. Dan moet ik mezelf echt knijpen. Wat ik wennen vind, is de drukkere agenda en de groeiende bekendheid. Laatst maakte ik een Instastory waarbij mijn ouders in beeld kwamen. Die kregen later opmerkingen van collega’s die niet wisten dat ik hun dochter was. En dan de week erop: ‘Zozo, je dochter is lekker uit geweest dit weekend, hè?’ Ik besef nu dat mensen zien wat ik doe. Niet dat ik daardoor dingen laat. Als ik de volgende dag in bed lig en een Instastory terugkijk waarop duidelijk te zien is dat ik gedronken heb, denk ik eerst: oei… Maar daarna lach ik erom. Het staat er toch maar 24 uur op.’

Toen je een paar jaar geleden de baan als nieuwsvrouw bij de ochtendshow voorbij zag komen, regelde je ’m, ondanks een gebrek aan ervaring. Ben je zo’n go-getter?

‘Ik ben een bijtertje. Van mijn ouders leerde ik dat alles mogelijk is, als je het maar wilt. Ik ga daar best ver in. Ik zal nooit over lijken gaan, maar voor mezelf ben ik streng. Ik geef niet op tot iets gelukt is. Soms denk ik wel: meid, doe eens rustig, je bent nog maar 26. Het hoeft niet allemaal nú.’

Vanwaar die haast?

‘De haast om alles uit het leven te halen, zat er altijd al in. Als ik iets wil, ga ik er voor honderd procent voor. Als klein meisje wilde ik bijvoorbeeld een pony. Ik zocht tot op de bodem uit wat ik nodig had en ging op mijn fietsje de polder in om bij alle boerderijen te vragen of ik daar een verzorgpony mocht stallen. Tot mijn ouders wisten: ze is hier serieus over. Als ik iets wil en in de gaten krijg hoe het kan lukken, vlieg ik er in een rechte lijn op af. Terwijl een omweggetje ook leuk kan zijn, weet ik nu. Vroeger wilde ik model worden, maar met mijn één meter achtenvijftig kwam ik nét wat centimeters tekort. Door mijn werk doe ik nu af en toe een superleuke fotoshoot. Stukjes van die droom komen daardoor nu toch uit. Daar leer ik van te genieten. Ik ben positief gaan kijken naar omwegen en het feit dat je dromen niet altijd precies uitkomen zoals je denkt.’

Je zei eens: ‘Positief zijn betekent niet dat je nooit verdrietig mag zijn’. Vond je dat moeilijk?

‘Daar worstelde ik mee, ja. Soms mag ik ook balen of verdrietig zijn, als dingen anders lopen. Toen ik ziek werd, stond op negen van de tien kaarten die ik kreeg: ‘Het komt wel goed, want je bent zo positief.’ Dat was lief bedoeld, maar ik interpreteerde het verkeerd. Ik maakte ervan dat ik nooit verdrietig mocht zijn, anders kwam het niet goed. Daar heb ik later veel last van gehad.’

Zes jaar geleden werd bij Fien lymfeklierkanker geconstateerd. Een shock, helemaal omdat ze keer op keer met vage klachten als vermoeidheid en pijn in haar borst door de huisarts terug naar huis werd gestuurd. Er leek niets aan de hand, Fien dacht dat ze niet zo moest zeuren. Tot ze er lichamelijk zo doorheen zat, dat haar moeder haar met de vuist op tafel terug naar de huisarts stuurde. Die hoorde vocht in haar longen, waardoor alle alarmbellen afgingen. Op dat moment bleek haar situatie al zo kritiek, dat ze vrijwel direct aan de chemo moest. ‘Ik ben nu vijf jaar schoon, maar het maakt me soms nog verdrietig dat mijn energielevel nooit meer hetzelfde is geworden. Hoewel elke dag om kwart voor vijf opstaan daar natuurlijk ook niet aan bijdraagt.’Ze wil níet overkomen als die zielige meid die ziek was, maar in haar dagelijkse leven eist de ziekte nog wel de aandacht op. ‘Mijn werk kan ik goed volhouden, maar daarna nog een uurtje naar de verjaardag van een vriendin lukt soms niet. En als er een griepje rondgaat, heb ik dat als eerste te pakken.’

Het hele interview met Fien Vermeulen komt uit VIVA 22. Deze editie kan je hieronder via Blendle online lezen.

»HET HELE ARTIKEL LEES JE HIER OP BLENDLE «