Recht uit het hart: hoe bied je steun aan iemand die het zwaar heeft?

bied steun

In coronatijd vliegen de ontslagen, depressies en relatiebreuken je om de oren. Hoe bied je steun aan iemand die het zwaar heeft? Journalist Fleur Baxmeier vertelt. 

We zaten vorig jaar net twee weken in lockdown toen mijn hond het loodje legde. Of eigenlijk: ze kwam urenlang in een stuip terecht nadat een onverlaat ons voorraam inbeukte met een steen. Twee lange dagen verder, met steeds één stapje vooruit en dan weer drie terug, wist ik dat ik het moment niet langer kon uitstellen. Ik belde de dierenarts en de dagen daarna ging het zoals dat gaat als je na zestien jaar afscheid hebt moeten nemen van je huisdier.

Klote

Van alle kanten kreeg ik appjes met opbeurende woorden en lieve kaarten met foto’s van mijn Hummer erop. Het maakte de situatie er niet beter op, maar het hielp tóch. En die paar mensen die schreven dat ze toch al oud was, ach ja. Ze bedoelden het vast goed, hield ik mezelf voor. Totdat ik na twee dagen dit bericht kreeg: ‘Fleur. Jammer dat jullie Hummer hebben moeten laten inslapen. Jullie zagen het toch langzamerhand wel aankomen? Ook een hond heeft geen eeuwig leven, moet je maar denken.
Gr Arie.’

Ik zal in het midden laten welke connectie ik heb met deze Arie, maar laten we het erop houden dat het iemand uit de inner circle is. Een persoon die dondersgoed wist dat ik dit níet had zien aankomen, want voor een stokoude bejaarde verkeerde mijn hond nog in blakende gezondheid. En van dat eeuwige leven was me inderdaad bekend, veel dank. Maar dat betekent toch nog niet dat je dat tegen een diepverdrietig iemand hoeft te zeggen?

Mijn vriend probeerde me op te kalefateren met de woorden dat Arie het vast goed bedoelde: ‘Hij had ook níks kunnen sturen.’ Dat had mij persoonlijk een veel beter idee geleken dan de kwetsende stoplap die hij me in plaats daarvan in mijn mik had geschoven, maar wat had hij dan eigenlijk wél moeten zeggen? Wat zou ík sturen naar iemand die een huisdier was kwijtgeraakt? Zou ik überhaupt wel de moeite nemen om dat te doen?

Dosis inlevingsvermogen

Iemand een hart onder de riem steken, het was in het afgelopen coronajaar een van de meest gebezigde uitdrukkingen. We deden het graag en vaak, veelal in groepsverband, voor de mensen in de zorg, de eenzame ouderen, de bijna-failliete horecaondernemers, de sombere jongeren. Maar op je balkon een minuutje klappen of op Twitter de hashtag #mijnhartvoordezorg plaatsen, is toch andere koek dan iemand op persoonlijk niveau een hart onder de riem steken. Dat vereist een goede dosis inlevingsvermogen en persoonlijke, oprechte aandacht.

Dat gaat niet iedereen even goed af, zo blijkt tijdens een kleine rondvraag in mijn omgeving. Zoals de reactie van een kennis van Karin, toen ze een paar maanden geleden vertelde dat ze na vijftien jaar trouwe dienst door een reorganisatie – corona, helaas pindakaas – op straat kwam te staan: ‘Ja joh, ze willen al die oudere werknemers er toch een beetje uitwerken, zodat ze weer jong en fris bloed kunnen aannemen. Ik snap wel dat ze hun kans nu grijpen.’

Level van empathie: nul. Zo ook bij Marijke, die samen met haar man een kleinschalige jeugdzorginstelling runt voor maximaal tien pubers. Pre-corona gingen de jongeren elke dag naar school, sport, vrienden en bijbaantjes, maar tegenwoordig zitten ze bijna altijd thuis, voor de tv of achter de spelcomputer. Voor Marijke en haar man voelt dat soms als te veel. Een vrijgezelle vriendin van Marijke: ‘Ach, ik ben alleen, dat is veel erger, want jullie hoeven je niet te vervelen.’

Voor Miranda, die afgelopen jaar haar fitte man totaal onverwacht verloor aan corona, komt het al niet meer als een verrassing als iemand weer eens lomp uit de hoek komt. ‘Op de uitvaart van mijn man zei een collega: ‘Ik hoop voor je dat je snel weer een nieuwe vriend hebt’. Ik krijg ook vaak de opmerking dat mensen weten hoe het is om een jonge weduwe met kinderen te zijn, want zelf zijn ze gescheiden. Iemand zei zelfs dat weduwe zijn makkelijker is dan gescheiden, want dan heb je tenminste geen gezeur met je ex.’

Lees ook:
Zó kun jij je partner met een burn-out het beste steunen

Uit een goed hart

Het is bijna treurig hoe slecht we er blijkbaar in zijn om mensen in moeilijke situaties te steunen, terwijl we waarschijnlijk het beste met de ander voor hebben.
We brengen het vaak alleen een beetje onhandig, op z’n zachtst uitgedrukt. En dat is niet erg – de plank misslaan, kan de beste een keer overkomen – maar soms wel pijnlijk. Zoals de opmerking van een vriendin van mijn kennis Elseline, die na haar kersverse ontslag tegen Elseline zei dat ze een mazzelaar was omdat zij tenminste lekker kon gaan schaatsen. Dan kan het toch zomaar gebeuren dat je zin krijgt om even heel hard te gaan gillen. Maar hoe steun je iemand dan wél?

Psycholoog Sanne van Arnhem ziet om zich heen al jaren hoe moeilijk mensen het vinden om anderen te steunen. ‘Ze willen wel, maar ze weten niet zo goed hoe,’ vertelt ze. ‘Een van de meest gemaakte missers in dat kader is voor iemand anders gaan relativeren, zoals Monique ondervond, die begin dit jaar onverwacht haar vader verloor. De coronacrisis maakte het allemaal nog lastiger: uitvaart in kleine kring, geen fysiek contact met familie of afleiding in een café. En toen zei een buurvrouw, die ze een paar dagen later in de supermarkt tegenkwam en haar medeleven uitsprak: ‘Gelukkig is je vader niet gestorven aan corona. Wat is dat erg hè, al die mensen op de intensive care. Dat is hem toch maar bespaard gebleven.’

In datzelfde kader krijgen vrouwen volgens Van Arnhem na een miskraam vaak te horen: ‘Ach, je bent nog jong. Er komt wel een volgende keer.’ Of de dooddoener: ‘Gelukkig heb je al kinderen.’ Dit soort opmerkingen komen volgens Van Arnhem ongetwijfeld uit een goed hart en zijn bedoeld om het verdriet van de ander te verlichten – en misschien helpt het voor jezelf ook wel om tegen de ander te zeggen dat het vast wel goed komt. Van Arnhem: ‘Maar de persoon in kwestie, die moet dealen met een verlies of een miskraam, voelt zich er niet beter door, want je gaat met wat je zegt volledig voorbij aan het verdriet en de pijn van de ander.’

Wat je dus beter kunt láten, is uitgebreide adviezen geven. En conclusies trekken voor die ander. ‘Vaak bepalen of bedenken wij wat goed zou zijn voor die ander en gaan daarnaar handelen,’ zegt Van Arnhem. ‘We gaan boeken kopen over rouw of solliciteren, in het kader van: hier heb je wat aan. Ik heb ook gehoord van mensen die een vriendin hadden ingeschreven voor een cursus zelfvertrouwen, omdat ze dachten dat ze daarvan zou opknappen. Een datingprofiel aanmaken, nog zoiets waar bijna niemand ongevraagd op zit te wachten. Eigenlijk zeg je met al die acties: zelf doe je het niet, dus ik heb het maar voor je opgepakt. Wat eigenlijk een vorm van kritiek is. Of als kritiek ervaren kan worden. Je bedoelt het niet zo, maar het is niet handig.’

Het hele verhaal lees je in VIVA-16-2021. Deze editie ligt vanaf 21 april in de winkel.

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken. We hopen te kunnen rekenen op je begrip!