Tatum in bed met Pepijn Lanen: ‘Ik ben goed in dingen die alleen ik kan doen’

tatum in bed met pepijn lanen

Waarom moest Pepijn Lanen (37) als jongetje 
zingen in het kerkkoor? Tussen de lakens 
ontdekt Tatum 
de ongekende kanten van 
Faberyayo van de jeugd.

Tekst: Tatum Dagelet | Foto’s: Rachel Schraven | Met dank aan Hyatt Regency Amsterdam

Pepijn Lanen. Rappende gymnasiast met elfjesuitstraling, gouden tand en een milde Jezus-look. Waar komt hij vandaan en op welke eigenzinnige planeet leeft hij? Ik wil dit mysterie van contrasten voor eens en voor altijd oplossen. En dus ga ik een poging wagen de vage Faberyayo te doorgronden. In bed. Omringd door teddyberen, net zoals in zijn videoclip Alleen met jou.

Ben jij een knuffelbeer?

‘Ja, I love knuffelen. Vind je dat gek om 
te horen?’

Zullen we even knuffelen?

‘Je moet het niet zo uitspreken, dan wordt het wel raar.’

Heb je weleens met iemand anders in bed gelegen tijdens je huidige relatie?

‘Nou, ik speelde een rolletje in de romantische komedie Hartenstraat. Met Bracha van Doesburgh. We moesten zoenen met elkaar.’

Hoe vond je vrouw dat?

‘Niet heel leuk, maar ze ging ook niet zeggen dat het niet mocht. Als het omgekeerd was? Dan had het niet gemogen van mij. Ik heb daar toch een beetje ambigue gevoelens bij.’

Was het met tong?

‘Het was zonder tong. Maar toch was het gek. Ik dacht dat we vooraf wel geïnstrueerd zouden worden hoe we dat moesten doen, zo’n zoen. Maar dat gebeurde helemaal niet. Sowieso vond ik het heel gek allemaal. Ik vraag me af hoe dat gaat met die hele heftige lichamelijke scènes in films. Hoe je je daar dan over moet voelen.’

Wil je nog vaker in films spelen of is het hiermee gedaan?

‘Nee, het lijkt me superleuk om in meer films te spelen. Ik zou ‘m alleen dan ook zelf willen verzinnen.’

Jij bent heel goed in het schrijven van teksten en verhalen.

‘Ik probeer dingen te maken of te verzinnen die er nog niet zijn. En als je dat doet, moet je ook de beste zijn, vind ik. Ik ben goed in dingen doen die alleen ik kan doen. Dat werkt een stuk fijner.’

En je hebt veel fantasie. In jouw nieuwe roman Het wapen van Sjeng leven mensen in de onderwaterwereld.

‘Ja, daar wonen ze met z’n allen. Daar roken ze sigaretten en maken een kampvuur. De hoofdpersoon voelt zich een beetje verloren, die weet niet zo goed wat z’n plaats is in de wereld. Ik hoop dat de lezer de uiteindelijke boodschap, dat je je leven niet moet laten leiden door angst, eruit haalt.’

Jij lijkt me juist een persoon die last heeft van angstaanvallen.

‘Een beetje. Hoe weet je dat? Een keer liep ik op straat langs een soort vuilnishoop. Het zag er ineens heel raar uit en ik dacht: jeetje, wat ben ik stoned. Terwijl ik al jaren geen wiet had gerookt, ik had alleen te veel koffie gedronken. Ik werd daar zo paniekerig van. Al het geluid kwam extra hard binnen, ik had helemaal klamme handen. Die dag had ik een fotoshoot, ik vond het echt moeilijk om mijn zonnebril af te zetten. Af en toe heb ik zo’n moment dat ik ineens helemaal in het ‘nu’ ben, terwijl ik daarvoor met mijn gedachten een beetje afgedwaald was. Op dat moment triggerde dat een heel gek schrikmoment. Inmiddels kan ik mezelf beter inschatten als ik me ergens raar over voel. Dan weet ik dat het maar een gevoel is, en niet iets wat is gebaseerd op iets concreets. Mijn kinderen maken daar ook een groot verschil in. Als ik naar ze kijk, weet ik ineens weer: het gaat om hen, niet om hoe ík me voel.’

Welke angsten heb je momenteel?

‘Het klimaat en geopolitiek zijn twee toch wel onuitputtelijke bronnen van ongemakkelijke gevoelens op dagelijkse basis. Ik heb het gevoel dat… Dat er een bepaald soort kentering moet komen. Het is nu alsof je met allemaal mensen thuis bent terwijl iedereen voor een bepaalde tijd op een feest moet zijn. En dat jij je jas al aan hebt, maar dat de rest nog aan het kletsen is.’

Jeetje. Heb je misschien een jeugdtrauma overgehouden aan een gelovige opvoeding? Of aan dat christelijk gymnasium ofzo?

‘Nee, mijn ouders zijn helemaal niet gelovig. En die school was ook niet praktiserend christelijk. Maar mijn basisschool, de Kathedrale Koorschool, vond ik niet zo leuk. Vooral vanwege de vrijheidsinperking: op zondag moesten we zingen in het kerkkoor. Op die leeftijd wil je in het weekend televisiekijken of andere dingen doen. Maar goed, omdat ik toch elke week in de kerk was, heb ik wel geprobeerd om open te staan voor het geloof, me er een voorstelling bij te maken. Maar er gebeurde niks bij me. Het is altijd een soort onecht iets voor me geweest. Nog steeds. Toch heeft die school me op een of andere manier wel goed gedaan ergens.’

Je zangcarrière is daar begonnen?

‘Ik denk dat als ik niet op die school had gezeten, ik het misschien helemaal niet leuk had gevonden om op te treden voor mensen.’

Het hielp je jouw podiumvrees te overwinnen?

‘Ja, of misschien is het meer zoals bij een allergie: dat je er resistent tegen wordt.’

En je bent daar niet misbruikt door 
een priester?

‘Nee, dat was wel leuk geweest voor het verhaal hè? Wel hoorde ik tien jaar geleden dat een persoon die bij dat koor betrokken was, een pedo bleek. Toch wel lijp.’

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.