Tips van een local: dit móét je gezien hebben in Brussel

Jacqueline van Woerkom (32) verhuisde zeven jaar geleden voor een stage naar Brussel en is nooit meer vertrokken. Ze ontmoette er de liefde van haar leven én werd verliefd op de stad.

Wat maakt Brussel zo leuk?

‘Ik ontdek elke week wel weer een nieuw straatje of pleintje, zelfs nu ik er al jaren woon. Het is een heel diverse, rauwe stad. Je kunt in een groezelige straat lopen, de hoek omgaan en ineens op een superleuk Parisian pleintje staan. Alle Europese instellingen zitten hier, dus de stad is heel internationaal. Ik heb Nederlandse vrienden, maar ook Belgen, Ieren, Fransen en Italianen.’

Wat vind je van de Belgen?

‘Over het algemeen zijn ze geslotener dan Nederlanders, maar als je daar eenmaal doorheen prikt, zijn ze erg gezellig. Ze zijn heel bourgondisch. Zo wordt in het weekend uitgebreid warm geluncht, met stoofvlees, friet en een flesje wijn. Als je met het werk gaat lunchen, neem je er ook een wijntje bij. Het allerleukst vind ik de aperó’s: de borrels die elke dag na het werk plaatsvinden op een ander pleintje. Op donderdag is de allergrootste, op Place du Luxembourg.’

Wat doe je in het weekend?

‘Vaak iets cultureels. Ik ga graag naar musea, tentoonstellingen, exposities en markten. Voor- of achteraf lunch ik dan uitgebreid bij een van mijn favoriete tentjes. En ’s avonds borrel ik met vrienden op een plein of in een café. Dat is voor mij het ideale weekend.’

Grootste misverstand over Brussel?

‘Het kan overkomen als een grauwe, grijze stad. Ergens begrijp ik dat mensen er zo naar kijken. Sommige gebouwen zijn slecht onderhouden en niet alle straatjes stralen veel gezelligs uit, maar ik hou wel van dat rafelrandje. En zoals ik al zei: het voelt altijd als een ontdekkingstocht. In een lelijk straatje kun je toch een prachtig gebouw van een beroemde architect tegenkomen. Overal vind je verborgen parels. En de sfeer is allesbehalve grauw, dat voel je meteen als je hier bent. Kijk vooral ook verder dan het centrum. De wijken en buurten eromheen zijn minstens zo leuk. Leuker zelfs, als je het mij vraagt.’

Jaqueline’s beste tips:

Hapje eten bij Bottega della Pizza ‘Zin in pizza? Bottega della Pizza heeft de beste van de stad. Je moet ervoor naar Sint-Gillis, maar het is het omrijden meer dan waard. Het superkleine tentje zit altijd vol, dus reserveren is een must. Ik ga altijd voor de pizza bresaola, met Italiaans gedroogd rundvlees en rucola, die is fenomenaal.’
bottegadellapizza.be

Erop uit in de Marollen ‘Voor het echte Brussel moet je naar deze oude volksbuurt. Ze spreken daar zelfs een soort speciaal dialect: een mengeling van Frans en Vlaams. Voor antiek- en vintage-liefhebbers is de vlooienmarkt op het Vossenplein the place to be.’

Multitasken bij L’atelier en ville  ‘Een interieurzaak, conceptstore en gezellig café ineen. Je shopt er vrijwel alles: van industriële steigerhouten tafels en hebbedingetjes voor in huis, tot kleding en accessoires. Er zitten meerdere vestigingen in en rond het centrum. In het café in de winkel kun je lekker lunchen en brunchen.’
latelierenville.com

Meer tips van Jaqueline? Check VIVA editie 9-2019. Deze editie ligt t/m 5 maart in de winkel of kan je hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «