Twan Huys: ‘Ik heb bewust besloten om mijn leven te vertragen’

twan huys

Twan Huys ging van talkshowhost naar stappenteller. Wandelen bleek dé manier om zijn tv-flop te verwerken. En het leverde nog een mooi boek op ook.

Hoe ziet dat eruit, Twan Huys aan de wandel?

‘Het klinkt een beetje raar, maar ik ben slecht bepakt en bezakt. Het liefst wandel ik met zo min mogelijk spullen. Mijn telefoon vind ik al een bezwaar, maar daar zit een appje op dat ik graag gebruik: PlantNet. Ik ben geen botanicus, maar ik wil wel weten wat ik onderweg tegenkom. Sinds ik ben begonnen met wandelen, heb ik door die app en een goed vogelboek veel geleerd. In het boek plak ik ook braaf sticky notes bij elke vogel die ik heb gespot.’

Draag je een trainingspak? Of ben je eerder het type afritsbroek en stok?

‘Ik draag gewone kleren en ik heb geen stok, wel wandelschoenen. Die zijn al tien jaar oud en nogal versleten. Ik ben geen materialist, maar ik hecht aan dingen die ik al lang heb. Mijn auto is bijvoorbeeld ook al veertien jaar oud.’

Maakt het je überhaupt een fluit uit hoe je erbij loopt als je wandelt?

‘Minder en minder, merk ik. Dat is een grappig proces geweest. Mijn boek Wandellust komt voort uit de periode na RTL late night, de talkshow die niet lukte. Toen dat vorig jaar stopte, heb ik bewust besloten om mijn leven te vertragen. Vanaf het moment dat ik begon met werken, heb ik dat in de vijfde versnelling gedaan. Met groot genoegen, ik was gretig en wilde alles wat voorbij kwam aanpakken en uitproberen. Na RTL late night was ik daar even klaar mee. Het idee van een wandelboek sluimerde al langer, wat me een goede manier leek om de bakens te verzetten en de chaos te bedwingen. Dat was een gouden greep.’

Wat vind je zo lekker aan wandelen?

‘Eigenlijk alles. De natuur heeft een weldadige uitwerking op ieder mens. Zodra je een bos inloopt, verdwijnt per strekkende meter iets van de spanning die je met je meedraagt. Als je je telefoon op stil zet, dan gaat dat heel snel. Onbewust heb ik in stressvolle periodes altijd al veel gewandeld. Op drukke, volle dagen ging ik de stad in of wandelde door een park. Door mijn boek ben ik me nog bewuster geworden van het effect daarvan.’

Ben jij het prototype van de eenzame, het leven overpeinzende loper?

‘Ik wandel juist graag met vrienden of familie, want wandelen leidt ook tot leuke gesprekken. Met mijn vrouw en twee kinderen heb ik god weet hoeveel kilometers gemaakt, want we hebben de zeventien gebieden uit mijn boek allemaal samen bezocht. Dat was een enorm groot feest. Ik had ook wat in te halen aan tijd die ik had verspild aan mijn werk.’

twan huys
Foto: Maaike van Haaster

Vonden je puberkinderen het net zo’n groot feest?

‘Toen ik begon aan dit project, waren ze tien en twaalf jaar. Ik zal niet ontkennen dat ze soms ‘moeten we weer’ hebben gemopperd. Maar over het algemeen merkte ik dat ze het na vijf minuten alweer hartstikke leuk vonden. Als de videogames en telefoons zijn verdwenen, kom je met elkaar op een totaal andere route. Dat is thuis moeilijk, daar ben ik eerlijk over. Voor iedereen is het verleidelijk om op een scherm te kijken. Ik maak mezelf wijs dat het voor werk is, wat voor een deel klopt, maar ik zit er zelf ook veel te veel op. Voor mijn kinderen geldt dat nog meer, omdat zij ermee zijn opgegroeid. De schermen vallen weg als je wandelt.’

Hebben je ouders vroeger ook veel met jou gewandeld?

‘Ik ben opgegroeid in Noord-Limburg, waar ik toen ik jong was veel heb gewandeld met mijn vader en moeder. We gingen te vaak naar hetzelfde bos, waardoor ik er na verloop van tijd geen reet meer aan vond. Dat valt mijn ouders niet te verwijten, want het was een heel andere tijd. In de jaren zeventig ging je niet naar Noorwegen of een andere plek rijden om een mooie wandeling te maken. Mijn ouders zijn ook geen natuurfreaks, maar ze weten er wel veel van. Ze hebben mijn zus en mij geweldig goed opgevoed. We zeggen altijd: ‘We geven ze een tien.’ Dat is een beetje hoog, maar ik meen het wel. Ze zijn nu 86 en 87 en wonen nog steeds in Noord-Limburg, waar ik ze vaak bezoek.’

Je ouders zouden eigenlijk de hoofdrol spelen in je wandelboek. Wat ging er mis?

‘Mijn ouders hebben geen spectaculair leven geleid, verre van. Maar ik wist eigenlijk onvoldoende van hun geschiedenis. Het leek mij mooi om het wandelen te combineren met een interview dat ik het hele jaar door met ze zou doen, om te kijken welke verhalen er liggen. Daar zijn we vorig jaar januari mee begonnen, wat meteen een heel mooi gesprek opleverde, vol nieuwe details. De tweede wandeling was ook geslaagd, maar toen grepen zij in: ‘Jij wilt twee keer per maand wandelen in een gebied in Nederland, maar dat tempo houden wij op onze leeftijd niet vol. We zijn te oud om het land zo te doorkruisen, verzin maar iets anders.’ Daar hadden ze gelijk in, dus daarna ben ik andere mensen gaan zoeken voor een fraaie wandeling.’

Wist je meteen wie je daarvoor wilde gaan vragen?

‘In het verleden heb ik onder anderen Herman Finkers, prinses Irene en Geert Mak geïnterviewd. Zo ben ik een heel rijtje mensen afgegaan die ik al eens had gesproken: ‘Ik weet niet of je het leuk zou vinden, maar wil je een dag mee gaan wandelen voor een goed gesprek dat wordt gepubliceerd in een boek.’ De reactie was in alle gevallen: ‘Wat een leuk verzoek, dat wisten we niet van jou, dat je houdt van wandelen.’ Het is grappig hoe verrast mensen reageren als je van de gebaande paden afgaat.’

Is de liefde voor de natuur een rode draad in jouw leven?

‘Dat denk ik wel. Ik ben toch min of meer opgegroeid op het platteland. Bij ons op de lagere school was er ook veel aandacht voor de natuur. Ik weet nog dat we er vaak met de klas op uittrokken met een ladder om te kijken wat er in de bossen in de nestkastjes zat. Dat verschoof naar de achtergrond toen ik aan het werk ging. Van jongs af aan wilde ik journalist worden en na de Academie voor de Journalistiek heb ik eerst veel gereisd door oorlogsgebieden, daarna ben ik zeven jaar lang Amerikacorrespondent geweest. In die tijd ging ik op vakanties nog wel de natuur in met mijn vrouw en later met de kids, maar pas afgelopen jaar ben ik me er echt bewust van geworden hoe belangrijk dat is.’

Had je dit wandelboek ook gemaakt als RTL late night niet was geflopt?

‘Nee, dat denk ik niet. Als dat was gelukt, dan had ik nu nog steeds avond na avond in de studio gezeten. Dan had ik nooit de tijd genomen om dit wandelproject op te zetten.’

Dit is niet het volledige interview met Twan Huys. We gaan met Twan ook nog dieper in op ‘het talkshowdebacle’ en zijn plannen voor de toekomst. Benieuwd naar het gehele interview? Dat kun je lezen in de nieuwste VIVA #23, die vanaf vandaag in de winkels ligt. Weet je dat je de nieuwste VIVA ook als losse editie heel makkelijk kunt bestellen via deze link

Twans tijdlijn:

Geboren: 24 maart 1964 in Sevenum

Opleiding: Academie voor de Journalistiek in Tilburg

Burgerlijke staat: Getrouwd met Cheryl, met wie hij een zoon en een dochter heeft: Jack (13) en Dylan Rose (11).

Carrière: In 1987 trapte hij z’n journalistieke loopbaan af bij Regionale Omroep Zuid, om daarna achtereenvolgens bij STAD Radio Amsterdam en Nova aan de slag te gaan. Vanaf 1999 is hij zeven jaar lang correspondent Washington en New York voor Nova, waar hij terug in Nederland weer presentator van wordt. Daarna volgen Nieuwsuur en College tour, wat in 2018 wordt verruild voor RTL late night. Als dat in maart 2019 stopt, stort Huys zich op het betere wandelen. Het resultaat: zijn onlangs verschenen boek Wandellust. Naast wandelaar is Huys presentator van Buitenhof en vaste Amerikadeskundige van de talkshow M.

Lees ook: Jasper Demollin: ‘Ik ben niet iemand die een relatie nodig heeft’

Tekst Fleur Baxmeier Foto’s Maaike van Haaster Met dank aan Bar Bouwmeester

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «