Veronica was alcoholverslaafd: ‘En niemand had het door’

Steeds meer jonge, succesvolle vrouwen raken verslaafd aan alcohol. Veronica (32) was tien jaar verslaafd aan alcohol en dronk uiteindelijk wel twee flessen wijn per dag.

Tekst Renée Lamboo-Kooij | Foto iStock

“Rock bottom, zo noemen ze in de verslavingszorg het moment waarop je niet dieper meer kunt zinken. Ik bereikte die op 15 oktober, acht jaar geleden. Om 3 uur ’s nachts schrok ik wakker. Het voelde alsof er iets ergs was gebeurd, maar ik wist niet meer wat. Zo’n onbestemd gevoel, zoals wanneer je ruzie hebt gemaakt met iemand waarvan je houdt. Urenlang probeerde ik de herinneringen terug te halen. Ik had een vrije dag gehad, was uitgebreid gaan lunchen. Daarna had ik ’s avonds gegeten met mijn toenmalige vriendje. We gingen de stad in. Wijn, wodka. Ik herinnerde me dat ik had gedanst en gelachen. En toen werd het zwart. De avond was één groot gat in mijn geheugen. Zo’n black-out had ik wel vaker. Maar die ochtend voelde ik opeens het verdriet dat ik geprobeerd had te verdrinken, weer zo sterk bovenkomen. Het was er weer. Moest ik nu altijd deze cirkel blijven rennen? Ik was zo moe. Op. Ik huilde hysterisch. Zo vaak was er tegen me gezegd: jij hebt een probleem. Altijd haalde ik mijn schouders op. Onzin! Iedereen is toch wel eens dronken? Doe niet zo schijnheilig. Alsof jij nooit iets geks doet. Die ochtend voelde ik plotseling: ze hebben gelijk en ik moet er iets aan doen. Ik wil me niet langer zo voelen.”

Sociaal geisoleerd

“Eigenlijk wist ik al sinds mijn 14e dat mijn gedrag niet normaal was. Wanneer ik tijdens een tussenuur met vriendinnen een cafeetje in dook, bestelde ik als enige een wijntje terwijl iedereen thee nam. Niet dat ik toen al veel dronk, maar ik ontdekte op die leeftijd wel al dat alcohol mijn pijn verzachtte. Ik was geen kind met een trauma, niet verwaarloosd of misbruikt. Die gevoelens zaten gewoon in wie ik was. Altijd voelde ik me geisoleerd. Mensen die me kennen van vroeger, zullen zeggen: ‘Veronica? Sociaal geisoleerd? Die was juist het middenpunt van ieder feestje.’ Dat klopt. Ik zie nu dat dat overcompensatie was. Ik hoorde overal bij, mensen wilden bij mij in de buurt zijn zelfs, maar al stond ik in mijn eigen café achter de bar, dan nog voelde ik vanbinnen zoveel verdriet. Ik was anders en alleen. Toen ik op mijn 24e in een afkickkliniek terecht kwam, leerde ik pas begrijpen wat ik voelde. Het had een naam. Meer mensen hadden het. Je kon eraan werken. Tot die tijd was ik me er niet bewust van. Ik wist alleen dat ik me door alcohol beter voelde.”

Eigen verantwoordelijkheid

“Op sommige dagen trok ik bij de lunch de eerste fles wijn open. Ik werkte tot 11 uur ’s avonds ik mijn café, dus ja, daar dronk ik ook wat wijntjes. Wanneer ik mijn tent sloot, ging ik vaak nog de stad in. Dan dronk ik wodka bitter lemon. Niet een, maar een stuk of vijf of zes zeker. De volgende dag was ik gewoon weer op tijd in de zaak. Op de een of andere manier hield ik heel lang alle ballen hoog. Mijn werk ging altijd net goed, ik had al mijn vrienden nog, ik redde het financieel. Ik was niet het prototype alcoholist, die ’s ochtends met een fles wodka op de bank wakker werd. Maar mijn lichaam ging wel kapot. Mijn hersenen functioneerden steeds slechter. Ik vergat dingen die ik moest doen, en hoefde na een paar jaar niet eens zoveel meer te drinken om black-outs te krijgen. Ik vergat hele gesprekken en hele avonden. Wanneer het misging, gaf ik iemand anders de schuld. Ik was die afspraak niet vergeten, maar hij was onduidelijk gemaakt. Of ik had iemand anders de opdracht gegeven om die levering te regelen. Op het moment dat ik incheckte in een kliniek, was ik op een punt gekomen in mijn leven dat ik overal zelf verantwoordelijk voor was. Ik had mijn compagnon net uitgekocht en was nu echt te oud om mijn ouders nog als schuldigen aan te wijzen. Ik kon die verantwoordelijkheid niet aan. Ik voelde dat het mis ging en was doodsbang om te falen.”

Twee flessen

“De kliniek waar ik terecht kwam, gaf me een paar dagen de tijd om vervanging te regelen in mijn zaak, zodat ik een tijdje weg kon. Ze zullen wel gedacht hebben: eerst maar eens zien of die nog terug komt. Maar ik voelde opeens zo sterk dat ik naar een ander leven verlangde. Een waarin ik met mijn gevoelens om kon gaan en daar geen drank voor nodig had. Geen cent twijfel was er nog. Ik vroeg mijn vriendin Claire om naar mijn café te komen. Zij werkte naast haar studie bij mij in de zaak. Ik vertelde dat ik een drankprobleem had en een kliniek in wilde om af te kicken. Haar blik vergeet ik nooit meer. Die grote ogen. Ze was compleet verbaasd. Ik had mijn toneelspel goed gespeeld. Doordat ik de hele dag door dronk, kon Claire best een uur met mij een hapje eten, en me maar een glas wijn zien drinken. Dat ik daarvoor al op had en erna ook nog zou nemen, wist ze niet. Om 12 uur ’s avonds waren er het laatste jaar iedere dag minimaal twee flessen wijn doorheen gegaan. Claire sloeg een arm om me heen en werd toen meteen praktisch. Hoe gaan we het zo organiseren dat jij de tijd hebt om de kliniek in te gaan? Samen met twee andere vriendinnen runde ze twee maanden lang de hele toko. Ze bereidde eten, tapte biertjes, stapte op lastige klanten af. Als zij dat niet hadden gedaan, weet ik niet of ik nu zou zijn waar ik ben.”

Geliefder dan ooit

“Ik ben al acht jaar clean. Alcoholist in herstel, noem je dat. Het café heb ik niet meer. Ik woon zelfs niet meer in Amsterdam maar in het rustige dorpje Bussum. Ik werk nu als projectleider bij een stichting die zich inzet voor naasten van verslaafden. Mijn leven is 180 graden gedraaid. De dagen zijn nu gestructureerd en dat blijkt goed te werken voor me. Sinds twee jaar en na veel therapie, is het gevoel dat aan mijn verslaving ten grondslag lag, ook veel minder. Die pijn, dat verdriet, die eenzaamheid hoorden bij mijn leven van toen, niet bij dat van nu. Ik heb nu minder mensen om me heen dan een paar jaar geleden, maar het contact is oprechter. Omdat ik eerlijk ben en niet alleen maar die leuke, gezellige Veronica hoef te zijn. Mijn 21e verjaardag vierde ik in Amsterdam in Palladium. De halve zaal stond vol met mensen die voor mij waren gekomen. Nu ik mijn café niet meer heb en niet zo vaak meer uitga, heeft zich dat vanzelf uitgekristaliseerd. De mensen die over bleven, zijn de mensen die echt bijzonder voor me zijn. Mijn 32e verjaardag vierde ik op mijn kantoor. Ik haalde bier en wijn voor de anderen en dronk zelf tonic. Het is voor mij geen probleem om anderen te zien drinken. Drank was nooit mijn probleem, dat was wat er in mijn hoofd speelde. Ik kon het leven gewoon niet aan, en nu wel. Die laatste verjaardag was een geweldige avond. Geen tweehonderd man op mijn verjaardag, maar twintig. En weet je? Ik voelde me geliefder dan ooit.”

Reddende engel

“Ik ben op weinig momenten in mijn leven zo verbaasd geweest als toen. We zaten ‘s ochtends in haar café. De stoelen stonden nog op tafel. Ze vertelde dat ze verslaafd was aan alcohol en naar een kliniek wilde om af te kicken. Ik weet dat ik een beetje schaapachtig lachte. Gewoon omdat ik niet wist hoe ik moest reageren. Al een paar jaar werkte ik in Veronica’s café. Natuurlijk dronk ze een wijntje, ik ook. Samen tijdens het afsluiten misschien twee. Maar geen seconde heb ik gedacht: die heeft een probleem. Ik ging vaak naar huis na het werk. De volgende ochtend moest ik studeren of had college. Zij ging dan nog de kroeg in. Soms zei ze de volgende dag dat ze brak was. Maar ja, wie is dat niet af en toe?”

Actie-modus

“Pas toen ze op die ochtend in haar café vertelde wat er ’s nachts allemaal gebeurde, begreep ik hoe erg het mis was. Dat ze vaak zoveel dronk dat ze de volgende dag geen idee meer had wat er gebeurd was. Dat ze de alcohol nodig had, omdat ze zoveel verdriet had. Toen ze uitgepraat was, schoot ik in een soort actie-modus. Hoe gaan we het zo organiseren dat ze dit kan doen? Twee maanden lang runde ik met twee andere vriendinnen van haar de tent. Ik moest nu ook inkopen doen en het personeel inplannen, wat ik nooit eerder had gedaan. Mijn studie zette ik op een laag pitje. Dit was belangrijker. Veronica had het zwaar in de kliniek. Niet per se omdat ze geen alcohol meer dronk, maar omdat ze zichzelf bloot moest geven. Ze stuurde een aantal mensen een excuusbrief, mij ook. Ze schreef dat het haar speet dat ze onze vriendschap nooit op waarde had geschat. Ze zei sorry voor het bedrog. Dat ze zo lang haar ware gevoelens en problemen voor me verborgen had gehouden. Wanneer ik haar opzocht in de kliniek zag ik in die tijd een zielig hoopje Veroon. Maar ik had altijd het vertrouwen dat het goed kwam. Ze moest zichzelf afbreken om zichzelf daarna weer op te bouwen. En zo ging het ook.”

Vriendschap nog waardevoller

“In de acht jaar die ze nu clean is heeft ze nooit een terugval gehad. Ze wist zo zeker dat ze het leven dat ze had, niet meer wilde. Daar ben ik gigantisch trots op. Ze verkocht het café, en daarna stopte ze ook met het evenementenbureau dat ze op had gebouwd. Ze had die drukte en die eeuwige reuring niet meer nodig, nu ze in zichzelf meer rust had gevonden. Het was lang zoeken naar werk dat bij haar paste. Nu werkt ze als projectileider bij een steunpunt voor de naasten van verslaafden. Dat doet ze zo vreselijk goed. Veroon geniet nog steeds van feestjes. Als ik mijn verjaardag vier, is ze er als eerste en gaat ze als laatste weg. Ze is nog net zo vrolijk als toen, maar niet altijd meer. Dat kan ook niet. Ze durft tegenwoordig te laten zien dat ze ook kwetsbaar is. Dat maakt onze vriendschap nog waardevoller. Ik ben er voor haar geweest, daar heeft ze me al duizend keer voor bedankt, maar zij is er ook voor mij. Altijd. Ze is nu de beste vriendin die ze ooit is geweest, omdat ze door keihard werken de beste versie van zichzelf is geworden.”

Heb je zelf een verslaafde vriend(in) of familielid en heb je vragen over hoe je daarmee om kunt gaan? Dan kun je terecht bij de Stichting waar Veronica voor werkt: Verslaafd aan jou. www.verslaafdaanjou.nl

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 53 – 2015 . Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «