Werner Kolf: ‘Dan voel ik me zo gelukkig dat ik bijna moet huilen’

VIVA drinkt elke week een drankje met een leuke man. Deze week staan we aan de toog met acteur Werner Kolf (33), die nu te zien is in de BNN-dramaserie ‘Vechtershart’.

Hoe is je leven nu?

“Nu ga ik als ik vrij ben uit eten met vrienden of mijn vriendin. Dat vind ik zó leuk. Het hoeft niet chic te zijn, we zitten ook vaak bij de Burgerbar. Relaxed: niet hoeven koken, samen zijn. We hoeven ook niet altijd te praten. Ik kan best in mezelf gekeerd zijn. Dan ga ik wandelen, lezen of in pyjama op bed series kijken.”

Je komt uit Amsterdam, maar je woont in Antwerpen. Waarom?

“Mijn vriendin is Vlaamse. Ik ontmoette haar tijdens mijn stagejaar aan de toneelschool, ze maakt theaterkostuums. We gaan nu vier jaar met elkaar. Zij wilde best in Nederland komen wonen, maar ik vond het leuk om een andere stad te leren kennen. Voor werk ben ik vier dagen in de Randstad. Dat is best goed voor je relatie, niet altijd op elkaars lip zitten.”

Je speelt in grote producties als ‘Van God los’ en ‘Alleen maar nette mensen’, maar bent toch nog vrij onbekend…

“Op mijn 29e studeerde ik pas af aan de toneelschool in Maastricht. Toch was ik op mijn negende al met toneel bezig. Ik zat op judo, acrobatiek, voetbal én een toneelvereniging. Op mijn achttiende speelde ik nog steeds met plezier toneel, maar ik durfde me niet aan te melden voor de toneelschool. Ik sprak plat Amsterdams en ben een donkere jongen. Op de toneelschool zag ik toen weinig acteurs met mijn huidskleur, ze zouden me nooit aannemen. Daarom deed ik auditie bij theatergezelschap De Nieuw Amsterdam en speelde in een stuk over Theo van Gogh. Daar werd ik opgepikt door het theatergezelschap Rotterdams Lef. Op mijn 24e dacht ik: het is nu of nooit. Ik meldde me aan voor de toneelschool in Amsterdam en Maastricht. Bij beide werd ik aangenomen.”

Waarom wist je zo zeker dat je wilde acteren?

“Het is een gevoel. In elk project heb ik wel een moment dat ik naar huis fiets en me zo gelukkig voel dat ik bijna moet huilen. Soms vind je in het spel met een medeacteur iets waarbij je voelt: yeah, 
dit gaat de goede kant op. Het is een haat-liefdeverhouding. Ik kan ook denken: er zijn gasten die tien keer beter zijn dan ik. Als je afgestudeerd bent, mag je blij zijn als je werk hebt. Gelukkig heb ik dat! 
Ik ben niet de beste acteur, maar krijg 
de ruimte om mezelf te ontwikkelen.”

Je bent niet de beste acteur?

“Er zijn zó veel goede acteurs, ik hoef die concurrentie niet aan te gaan. Wat ik veel belangrijker vind, is dat ik een eigenheid heb. Ik ben liever een interessante acteur dan dat ik probeer de beste te worden. Dat laatste gaat toch niet lukken.”

Benieuwd wat die eigenheid is? Het hele interview met Werner Kolf lees je in VIVA 49. Je kunt het blad online bestellen of lees het artikel via Blendle

Tekst: Jasmine Groenendijk
Beeld: Anke van der Meer