Dik door je ouders

geen

Zodra je aanvalt op de schaal M&M’s sneert je moeder: ‘Zou je dat nou wel doen?’ Zelf kauwt ze zoals gebruikelijk lusteloos op een stengel bleekselderij. Wat doet het eetgedrag van je ouders met je? VIVA’s Fleur heeft het – letterlijk – aan den lijve ondervonden.

‘Fleurtje-eten’
Drie jaar was ik, toen de grote hit onder mijn jeugdanekdotes plaatsvond. Een tijdloze klassieker in de familie, die nog vaak opgerakeld wordt.  Ik was met mijn hele familie aan het kamperen in Italië, toen mijn ouders met mijn opa en oma naar de nabijgelegen Zwitserse stad Lugano gingen. “Wil je ook mee, Fleur?” vroegen ze. Ik schijn ze even peinzend aan te hebben gekeken vanonder mijn witkatoenen peuterhoedje en antwoordde vervolgens op gedragen toon: “Wat kan men daar zoal eten?” Even later waren de lachsalvo’s verstomd en zat ik in Lugano doodgemoedereerd achter een bord geschnetzeltes, de lokale specialiteit. Want waarom een kindermenu nemen als er ook kalfsstoofpot is? ‘Fleurtje-eten’, noemde mijn moeder me altijd liefkozend. Het was het eerste waar ik naar vroeg als ik uit school kwam. En of het nou oma’s andijvie was of de gegratineerde oesters van mijn vaders bord, het ging er allemaal moeiteloos in. Ik lustte alles, at altijd mijn bord leeg, en het liefst ook nog een tweede bord. “Mag ik als ik dit op heb nog een beetje?” was een van mijn gevleugelde uitspraken. “Kind, je hebt je bord nog vol!” riep mijn vader dan. Dat begreep ik totaal niet. “Ik zeg toch: als ik dit óp heb?” Nee, matigheid was zo’n typisch frishollandse deugd die totaal niet bij me aansloeg.

Keurige schijf-van-vijfmoeder
Vooral op maandag en dinsdag, als mijn oma oppaste en we tussen de middag warm aten, greep ik mijn kans. Want van oma mocht alles. Een extra gehaktbal, en nog eentje in folie verpakt voor onderweg naar school. ’s Middags vier koekjes, een handje snoep en een stuwmeer aan limonade. Die hoeveelheden kreeg ik van mijn keurige schijf-van-vijfmoeder niet en dus hamsterde ik die dagen gretig voor de rest van de week. Geen wonder dat ik, ook nog behept met het armzalige genenpakket dat ze eufemistisch ‘aanleg’ noemen, dikker was dan mijn klasgenootjes. Als ik klassenfoto’s van de basisschool bekijk, zie ik een blond, lachend meisje, dankzij mijn moeders feilloze gevoel voor stijl het best gekleed van de hele klas. En zeker naar de huidige maatstaven niet dik, hooguit een sussend synoniem voor dik: stevig of mollig.

Je hebt genoeg gehad
Ik wilde heel graag zo dun en sprietig zijn als mijn klasgenootjes en ik wist dat ik daarvoor zou moeten lijnen. Dat deden mijn ouders immers ook altijd, en dat zeiden ze ook tegen me. Ze maakten zich – waarschijnlijk terecht – zorgen over het feit dat ik nauwelijks een rem leek te hebben, dus ik kreeg continu goedbedoelde opmerkingen te horen als: “Nee Fleur, je hebt genoeg gehad.” En: “Als je zo doorgaat, word je pas écht dik.” Ook al was ik nog maar een kind, ik wist al heel goed dat eten gepaard gaat met schuld en boete. Dat dik zijn slecht is. En dat dat mij dus in zekere zin een slecht kind maakte, hoeveel liefde ik ook van mijn ouders kreeg. Heel vaak nam ik me in bed voor de volgende dag niet meer te snoepen en minder te eten. Maar het lukte me nooit, de honger en de verleiding wonnen altijd. Ik herinner me zelfs nog heel goed dat ik, ik denk acht, negen jaar oud, voor ik ging slapen bad tot een god waar ik van huis uit niet eens in geloofde. “Maar mocht u toch bestaan, God,” smeekte ik, “wilt u me dan anorexia geven?”

Je leest het complete verhaal van Fleur + 24 pagina’s lijfspecial in VIVA 9 die vanaf 20 februari in de winkel ligt.

Wat voor invloed hebben jouw ouders gehad op je eetgedrag? Praat mee op het forum!