Ashley van Heiningen: ‘Ik lag dagenlang in bed met de gordijnen dicht’

Ashley van Heiningen (22) is jong, slim en knap. Ze lijkt alles te hebben, behalve dat wat ze het liefste wil: vrienden. Jarenlang was ze zo eenzaam, dat ze alleen buiten kwam om te werken. ‘Soms keek ik de hele dag kattenfilmpjes op Facebook.’

Tekst Vivienne Groenewoud | Foto Dirk-Jan van Dijk

‘Niemand zou zeggen dat ik introvert ben. Ik praat makkelijk en heb humor, maar toch zat ik vroeger na school en later na mijn werk altijd alleen thuis. Op dit moment heb ik voor het eerst in mijn leven een groepje collega’s met wie ik ook privé omga. Soms gaan we borrelen of eten na het werk en af en toe spreken we in het weekend af. Hier ben ik heel blij mee, maar het zorgt ook weer voor een nieuw probleem: omdat ik bang ben deze contacten kwijt te raken, durf ik mijn baan niet op te zeggen. En dat terwijl ik eigenlijk wel aan een volgende stap toe ben. Ik ben afgelopen zomer afgestudeerd in algemeen sociale wetenschappen en werk nu op een klantenservice, maar ik wil me eigenlijk volledig op mijn eigen website storten. Toen ik bij mijn vorige baan wegging, dacht ik ook dat het contact met bepaalde collega’s wel zou blijven. Dat bleek niet zo te zijn. We wílden wel afspreken, maar het kwam er niet van. Uiteindelijk bloedde het contact dood. Toen ik wegging en aangaf dat ik bang was mensen kwijt te raken, zei mijn leidinggevende: ‘Jij? Jij maakt toch zo weer nieuwe vrienden!’ Hij moest eens weten.
Ik weet niet precies hoe het komt dat ik eenzaam ben geworden. Als ik terugkijk, zie ik wel een rode draad in mijn leven: ik werd vaak omringd door mensen, maar voelde me toch alleen. Op de basisschool ging ik om met een groep meisjes, maar ik hoorde er nooit echt bij. Twee van hen zeiden zelfs rottige dingen over me, en de anderen kwamen niet voor me op. En ik niet voor mezelf. Ik was zo onzeker dat ik alles over me heen liet komen. Ik voelde me altijd minder dan de anderen: minder knap, minder gezellig en vooral veel saaier. Voor de buitenwereld hoorde ik misschien wel bij het groepje populaire meiden, maar daarbinnen was ik onzichtbaar.’

Geen ‘met z’n allen’

‘Ook op de middelbare school voelde ik me een buitenstaander. Met pijn in mijn buik keek ik naar de groepjes met vriendinnen op het schoolplein. Naar hoeveel lol ze hadden, en hoe makkelijk ze afspraken maakten om te gaan stappen of shoppen. Ik verlangde er zo intens naar om ook bij zo’n groepje te horen. Toch lukte het me nooit om er echt deel van uit te maken. Op het schoolplein stond ik bij ze, maar daar bleef het bij. Niet omdat ik niet met mensen kon opschieten, ik kon het juist met iedereen goed vinden. Misschien bleven juist daarom al mijn contacten oppervlakkig. Ik denk dat iedereen dacht dat ik vast al met anderen had afgesproken, maar dat was nooit zo. Zelf voorstellen om met een groepje meiden te gaan stappen? Dat vond ik not done. Ik was te verlegen, en ik denk ook dat mijn Surinaamse opvoeding me op dat gebied in de weg zat. In onze cultuur zijn mensen heel gastvrij. Als ze je niet direct meevragen, weet je dat daar een reden voor is. Ik wilde geen blok aan iemands been zijn. Als ik ook maar een minimale vibe krijg dat ik misschien niet gewenst ben, trek ik mezelf al terug. In de weekenden werkte ik in een supermarkt. Verder deed ik weinig. Op zaterdagavond zat ik thuis. Met mijn ouders op de bank, of vaker nog, op mijn kamer. Mijn ouders stelden er geen vragen over. Ik zeurde er ook niet over, dus ik denk dat ze dachten dat ik het zelf zo wilde. Het rotste voelde ik me altijd rond de feestdagen of op dagen als Koningsdag. Echt van die momenten om met zijn allen af te spreken. Maar ik had geen ‘met zijn allen.’ Dus dan lag ik de hele dag maar in bed, door Instagram te scrollen. Daardoor ging ik me alleen maar slechter voelen. Instagram is wat dat betreft echt de duivel.’

Dit interview is afkomstig uit VIVA 43-2018. Deze editie kan je hier online bestellen, maar ook online via Blendle lezen.

»HET HELE ARTIKEL LEES JE HIER OP BLENDLE «