Fleur Meijer: ‘Een supermarktloyaliteitsconflict, heb ik weer’

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Een supermarktloyaliteitsconflict. Heb ik weer. Sinds vanochtend. En zeker, het is een schitterend woord. Ik hoop dan ook dat het snel de officiële Van Dale-status bereikt, want neem maar van mij aan: het supermarktloyaliteitsconflict is een serieus, reëel en stelselmatig onderschat fenomeen. Iets waarvan je denkt dat het jou nooit zal overkomen. Totdat het je overkomt. Het is namelijk niet zo dat ik vanochtend al verscheurd wakker werd. Integendeel zelfs. Ik werd wakker en ik dacht: o ja! Vandaag is de nieuwe Albert Heijn open! Nu hebben we niet alleen een groente-, vlees-, kaas-, brood- en wijnjuwelier in de buurt, maar ook een fatsoenlijke supermarkt! Nooit meer naar de Dekamarkt! Ja, de Dekamarkt. Want eerlijk is eerlijk: het is niet zo dat er in de buurt nog geen supermarkt stónd. Exact één hoek verder om precies te zijn. Sympathieke winkel, hoor. Grof zeezout, lekkere yoghurt en mijn favoriete chocola hebben ze er alleen niet. Neonkleurige verkeershesjes, fleecesokken en bergschoenen hebben ze dan weer wel, maar die had ik uitgerekend vanochtend niet nodig. Dus nee, op naar de nieuwe Albert Heijn. Op de stoep stonden zo’n twintig bakfietsen lukraak op de stoep geparkeerd. ‘Welkom!’ riep een groot spandoek. Ik liep onder de welkomsthaag van witte en lichtblauwe ballonnen door. Achter het toegangspoortje zat een afgetobde vijftiger, met op haar hoofd een kegelhoed van worstvormige ballonnen. ‘Welkom,’ zei ze matjes. ‘Ja dank je,’ zei ik, en ik pakte een kakelvers mandje. Voor de meterslange koelvitrines beende met kloeke tred een man voorbij die alleen maar de nieuwe filiaalchef kon zijn. Hij hield stand bij een kromme alcoholist die mismoedig naar de ‘koelverse maaltijden’ stond te staren. Ik kende hem uit de Deka. ‘Jahááááá meneer!’ riep de filiaalchef voetbalkantine-joviaal. ‘Lekker nasi voor u vanavond? Heerlijk verse nasi met sateetjes van de Appie?’ Ik voelde iets scheuren in mijn binnenste. Ik wist nog niet wat het was. Gehaast liep ik verder, langs alle perfect gerangschikte avocado’s, designertomaten en paarse hipsterwortelen. Bij de broodafdeling stond een nonchalante yogaknotmoeder in lammy coat.‘Wat fijn dit!’ joelde ze tegen niemand in het bijzonder. ‘Eindelijk góéd glutenvrij brood!’ Ik slikte en snelde door, langs de diepvries. ‘Oooh, réúzegarnalen! En vóórgegrilde groenten!’ hoorde ik. ‘Yes! Chilipinda-kaas!’ kwam uit een ander gangpad. ‘Hè hè, déze olijf-
olie bedoelde ik nou,’ klonk er bij het volgende. ‘Pak voor mij ook even een flesje van die lékkere rioja?’ En ik liep maar door, denkend aan die lieve schommeldikke vakkenvuller bij de Deka, de bescheiden groentenchef in z’n vale bedrijfshemd, de hoogbejaarde vaste klanten met de knipbeursjes en de inferieure bokkenpootjes. De zelfscankassa piepte kordaat toen ik mijn grove zeezout, lekkere yoghurt en favoriete chocola voor de laser hield. Daarna liep ik snel door naar de Deka. Bij nader inzien kon ik eigenlijk best een neonkleurig verkeershesje, fleecesokken en een paar bergschoenen gebruiken.

Fleurs column is afkomstig uit VIVA 48-2018. De editie ligt t/m 4 december in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«