Hoe is het om als jonge vrouw te wonen in een woongroep?

Nora Uitterlinden (32, freelance tekstschrijver) woont sinds zes jaar in een woongroep in Amsterdam-West, samen met zeven volwassenen, twee kinderen en twee katten. ‘We hebben een aparte kamer met stapelbedden voor logees, tourende bandjes of om een vluchteling een tijdelijk thuis te bieden.’

 Tekst Amanda van Schaik | Foto’s Sven den Hartogh

Hier is het feestje

“Goeie woonruimte vinden in Amsterdam is een zeldzaamheid. Ik heb in heel slechte, veel 
te kleine en veel te dure kamers gewoond. In 
huizen die half uit elkaar vielen met een douche achter een schotje naast de voordeur. Mijn 
kamer hier is een verademing: 22 m2 met een hoog plafond en openslaande deuren naar de tuin. Een groot voordeel van een woongroep vind ik de reuring. Dan kom ik na m’n werk thuis en is er spontaan een dinnerparty of 
feestje gaande. En als ik behoefte heb aan rust, kan ik me terugtrekken in mijn kamer.”

Goed geregeld

“Er zijn twee aparte toiletten en er is één grote badkamer. Ik hoef bijna nooit te wachten voor de douche. Tussen zeven en acht uur ’s ochtends doucht iedereen heel snel, en de lange douchers doen dat later op de dag. Ik denk dat de gezamenlijkheid voor elke woongroep anders is. 
Wij hebben een schoonmaakschema, een huishoudpot voor kattenvoer, internet, de krant en schoonmaakmiddelen en eens in de paar maanden een huisvergadering. De inleg is aan de hand van hoeveel je verdient. Dat werkt prima. Eten doen we vaak samen. Er hangt een Excel-sheet op de koelkast, waarop je kunt aangeven wanneer je wilt koken en of je mee-eet.”

Tukken met bandleden

“Mijn huisgenoten en ik vinden het belangrijk dat mensen welkom zijn in ons huis. Daarom hebben we een logeerkamer met stapelbedden voor vrienden. En voor bandleden: als bands met een klein budget touren, kunnen ze bij ons terecht voor een slaapplaats. Ook hebben we een aparte kamer om een vluchteling een tijdelijk thuis te bieden. In je eentje kan dat zwaar zijn: mensen kunnen getraumatiseerd zijn en je weet niet wat voor karakter iemand heeft. Maar als groep gaat het prima. Als je alleen of met je partner woont en er logeert iemand, dan staat het hele huis in het teken van de gast. In een groep is het makkelijker om logees te hebben zonder dat het je schema in de war gooit.”

Iedereen een klusje

“We hebben diverse kwaliteiten in huis. Een van mijn huisgenoten is bijvoorbeeld verpleegkundige. Toen ik me tijdens het koken in m’n vinger sneed, kon zij me meteen hechten. Scheelt weer een bezoek aan de eerste hulp. Ook woont hier een programmeur en er is een klusjesman. Die bouwde heel rap een kastje om de nieuwe wasmachine. We hebben nooit lang spanningen. Er is wel een terugkerende irritatie: sinds kort hebben we een afwasmachine en 
iedereen heeft natuurlijk een andere theorie over hoe je die het beste inlaadt. En je moet af en toe letten op je spullen. Ik trof mijn staafmixer een keer helemaal vies aan. Bleek een huisgenoot er verf mee te hebben gemixt. Maar ach, daar kan ik wel om lachen. M’n nieuwe staafmixer neem ik gewoon mee naar m’n 
kamer.”

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 29-2016. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «