Oh ja, de scriptie

Ik moet een scriptie schrijven. Dat moet ik al heel lang, maar het schoot eerst gewoon niet erg op.

Een scriptie kun je namelijk eeuwig uitstellen. Er zijn altijd wassen die in de wasmachine moeten, afwassen die uit de vaatwasser gehaald moeten worden en stukjes die er voor de Viva geschreven moeten worden. En dan zijn er nog youtubefilmpjes, tv- programma’s, mooie boeken, leuke schrijfklussen en facebookspelletjes.

En de weken vliegen voorbij, en je omgeving vraagt elke keer hoe het gaat en hoeveel je nog moet en wanneer dat ding eindelijk af is.

Je wordt er verdrietig van. En teleurgesteld in jezelf dat je dat ding er niet al lang uit hebt gepoept. En ondertussen krijg je banen aangeboden waar je ook weer heel lang en diep over na moet denken alvorens je ze afwijst omdat de tijd er nog niet rijp voor is. Of de baan te ver weg.

Cor en ik belden er gisteren over. We hadden elkaar al een tijdje niet gesproken omdat we besloten hadden niet meer naar de bibliotheek te gaan omdat het daar zo belachelijk druk is.

Maar we misten elkaar. En we herkenden elkaars verhalen. “Weet je”, zei Cor, “je gedrag gaat een beetje lijken op het gedrag van vrouwen die al heel lang geen relatie meer hebben en daar ontzettend ontevreden over zijn.”

Als je zo’n single bent is het nooit leuk om mensen tegen te komen die totally heppie de peppie met hun relatie zijn. In ons geval: mensen die hun scriptie al afhebben en gelukkig aan het werk zijn. Als zij zeggen “ja, ik vond het ook kut, maar eigenlijk ging het schrijven best wel snel hoor!” Dan denk jij: hou op met je gezemel over jouw eigen situatie, want achteraf lijkt een scriptieproces altijd minder zwaar dan wanneer je midden in de schrijfellende zit. Als je halverwege de Mont Ventoux bent met je racefiets hoef je ook niet te horen dat er voor je iemand op een fiets met houten banden en met de handen op de rug naar boven is gefietst. En daarbij vrolijk floot.

Cor en ik veranderden allebei in Gargamel. Maar in plaats van dat we “ik háááááát smurfen” zeiden, riepen we “ik hááááát de bieb en ik hááááát mijn scriptieonderwerp en ik háááát al die jonge bachelorstudentjes die frank en vrij door de bieb banjeren in hun gave outfits en ik háááát mezelf en mijn gebrek aan discipline, en oh ja: ik háááát mijn leven.”

We zijn er klaar mee. Vandaar dat ik tegenwoordig wekelijks met mijn scriptiebegeleider afspreek (ik zei: ik wil graag elke week een schop onder mijn kont. Die krijg ik nu. Het zorgt misschien voor twee blauwe billen, maar dan heb je ook wat) en lange lappen tekst bij hem inlever. Morgen zitten we weer in de bieb.

En nu is de vraag:  Had je dit strakke regime niet eerder kunnen ontwikkelen, Nynke? 

Nou ja, blijkbaar moest de bodem even bereikt worden voordat ik echt kon knallen.

CC Foto: Joris Leermakers