Voor alle girlbosses: zo lever je kritiek (zonder ruzie te krijgen)

kritiek leveren

De baas spelen klinkt leuk, en dat is het vaak ook, behalve als je medewerkers niet doen wat je wil. Dan moet er namelijk kritiek (of opbouwende feedback, barf) worden gegeven en niet iedereen vindt dat leuk om te doen. Nu hoef je helemaal geen girlboss te zijn om dit artikel te lezen, de tips zijn ook handig als je je ergert aan het gedrag van een collega.

Zeggen waar het op staat, wat bij kritiek leveren een essentieel onderdeel is, is niet iets waar vrouwen bekend om staan. Via omweggetjes, zijwegen en bruggetjes proberen we een vervelende boodschap aantrekkelijker te maken, waardoor-ie vaak niet mooier maar juist onduidelijker wordt. En niets vervelender dan onduidelijkheid in een slecht nieuws gesprek. Kortom, als je weet dat je liever om de hete brij heen draait, maar wel wilt leren hoe je op een goede manier kritiek kunt leveren, dan heb je wat aan onderstaande tips.

Voorbereiding is het halve werk

Slaap je al? Ja, deze kop is om van in slaap te vallen, want hoe vaak hebben we deze niet al gehoord? Toch is het wat het verschil maakt tussen mensen die succesvol zijn in bijvoorbeeld onderhandelen en zij die daar niet in uitblinken. Voorbereiding. Als je een gesprek aangaat wat je lastig vindt, is het belangrijkste dat je het goed voorbereid. Schrijf letterlijk uit wat je wilt gaan zeggen. Bedenk welke kanten het gesprek op zou kunnen gaan en noteer voor jezelf hoe je daarop gaat reageren. Als je dit gedaan heb, oefen dan de zinnen die je het lastigste vindt om te zeggen. Door het voor het gesprek al een aantal keer voor jezelf hardop te hebben uitgesproken, is het minder eng om het tijdens de meeting te zeggen. Als je je niet voorbereidt op een gesprek, zul je eerder overvallen worden en geneigd zijn om impulsieve dingen te zeggen waar je hoogstwaarschijnlijk spijt van krijgt. Worden er dingen gevraagd die je niet weet? Dan zeg je dat je dat uit gaat zoeken / erover na gaat denken en er op terugkomt. Blijft de andere partij aandringen? Pas dan de grammofoonplaat-techniek toe: blijf herhalen dat je het nog niet weet en erop terugkomt.

Tip: Hobby’s wel of niet vermelden op je cv? Dit zijn de do’s en don’ts

Doe het vlug

Deze tip slaat op twee punten. Eén: als er een medewerker niet functioneert, of je ergert je aan je collega, wacht dan niet te lang met het uitspreken hiervan. Je hoeft het natuurlijk niet na een week al te zeggen – misschien heeft iemand even een paar slechte dagen. Maar te lang wachten kan ervoor zorgen dat de kwestie een beetje gaat etteren. Op tafel ermee dus.
Wacht tijdens het gesprek ook niet te lang met het vertellen waar het op gaat. Een typisch vrouwelijk trekje is om over koetjes en kalfjes te gaan praten. En dat is niet alleen maar slecht: het zorgt er ook voor dat de sfeer ontspannen is. Start daar dus mee, maar zorg ook dat je vrij vlug overgaat tot de reden waarom jullie samen zitten. Probeer die boodschap zo kort mogelijk te verwoorden en geef twee voorbeelden of argumenten (dit is er dus ook een om voor te bereiden). 

Wees bereid te incasseren

Wie de bal kaatst kan ‘m terugverwachten. Na het kritiek leveren is het mogelijk dat iemand dichtslaat, maar het kan ook dat de ander in de aanval gaat. Neem de tijd om te luisteren naar de ander, wellicht spelen er dingen waar jij niets vanaf wist. Stel vragen en probeer samen te vatten. Zo voelt de ander, als je zijn of haar verhaal goed weet te verwoorden, zich gehoord. Als je het niet goed weet samen te vatten betekent dit dat je de ander blijkbaar dus niet goed begrijpt. Stel dan nog meer vragen om de kern te achterhalen. Het is handig om het gesprek aan het einde van de middag te plannen, zo kan degene met ie je het gesprek hebt, daarna naar huis om het gesprek te laten bezinken. Beëindig het gesprek door te vertellen waar je naar toe wilt. Wat verwacht je, waar hoop je op? Ook dit is er één om goed voor te bereiden, want dit moet -net als het slechte nieuws- zo helder mogelijk zijn zodat er geen verwarring kan ontstaan. 

Bron: mt.nl | Beeld: iStock
Marjolein woont in de stad (Amsterdam) maar hunkert naar de natuur. En als ze een tijdje door de duinen heeft gestruind, verlangt ze weer naar de stad met z'n knallende energie. Ze vindt de menselijke psyche rete-interessant en schrijft daarom graag op Viva over waarom we de dingen doen die we doen, waar we naar verlangen en hoe die grijze massa van ons werkt. Want eigenlijk zijn we maar gekke (en daarom interessante!) wezens.